Categorie: Duurzaamheid en producentenverantwoordelijkheid

UPV, EUDR, circulaire economie, ontbossingsvrije producten en producentenverantwoordelijkheid.

  • EPR-registratie in Duitsland: LUCID voor Nederlandse webshops

    EPR-registratie in Duitsland: LUCID voor Nederlandse webshops

    Verkoop je vanuit Nederland rechtstreeks verpakte producten aan eindgebruikers in Duitsland? Dan moet je vaak vóór de eerste verkoop zelf in het Duitse LUCID Packaging Register staan. Voor verpakkingen die aan systeemdeelname zijn onderworpen, sluit je daarnaast een contract met een Duits systeem en rapporteer je verpakkingsvolumes. Sinds 12 augustus 2026 moeten buitenlandse bedrijven zonder Duitse vestiging die rechtstreeks aan Duitse eindgebruikers verkopen bovendien een in Duitsland gevestigde gemachtigde aanwijzen.

    Een LUCID-nummer alleen is dus niet genoeg. De praktische route bestaat uit het bepalen van je rol, registratie, eventuele aanwijzing van een gemachtigde, systeemdeelname en correcte gegevensmeldingen.

    Verzenddoos, Duitse markt, LUCID-checklist en recycling voor EPR-registratie van verpakkingen

    Wat is EPR-registratie in Duitsland?

    EPR staat voor Extended Producer Responsibility. In het Nederlands heet dit uitgebreide producentenverantwoordelijkheid (UPV). EPR en UPV zijn dus geen twee aparte regelingen: het zijn de Engelse en Nederlandse benaming voor hetzelfde principe. De partij die verpakkingen of verpakte producten als eerste op een nationale markt brengt, draagt financieel en organisatorisch bij aan de inzameling en recycling nadat die verpakkingen afval zijn geworden.

    In Duitsland loopt de registratie via LUCID, het openbare verpakkingsregister van de Zentrale Stelle Verpackungsregister (ZSVR). Een concreet voorbeeld: een Nederlandse webshop stopt een product in een verzenddoos, voegt tape en opvulpapier toe en verstuurt het pakket rechtstreeks naar een Duitse consument. Die webshop kan voor deze e-commerceverpakking de producent zijn. Zij moet dan vóór de eerste Duitse levering haar rol beoordelen, in LUCID registreren, de recycling financieren via een systeem en de verpakkingsvolumes melden.

    Met deze verplichtingen kunnen webshops, producenten, private-labelverkopers, importeurs en andere partijen in de Duitse toeleveringsketen te maken krijgen. Wie producent is, hangt af van de handelsroute, de vestigingsplaats, de verpakking en de vraag wie de Duitse marktketen start. Verkoop je via een Duitse tussenhandelaar in plaats van rechtstreeks aan een eindgebruiker, dan kan de rolverdeling anders uitpakken. Beoordeel daarom de concrete verkoopstroom en niet alleen wie het fysieke product heeft gemaakt.

    Welke regels gelden sinds 12 augustus 2026?

    Sinds 12 augustus 2026 geldt de Europese Packaging and Packaging Waste Regulation, de PPWR (Verordening (EU) 2025/40). Op dezelfde datum verving het Duitse Verpackungsrecht-Durchführungsgesetz (VerpackDG) het oude Verpackungsgesetz (VerpackG). LUCID en de ZSVR zijn gebleven, maar de definities van fabrikant en producent en enkele procedures zijn veranderd.

    Dit onderscheid is belangrijk. De fabrikant onder de PPWR is verantwoordelijk voor producteisen aan de verpakking, zoals technische documentatie en de EU-conformiteitsverklaring. De producent draagt de EPR-verplichtingen, waaronder registratie en financiering van recycling. Eén onderneming kan beide rollen hebben, maar dat hoeft niet. Lees voor de documentatiekant apart welke PPWR-verpakkingsdocumenten nodig zijn.

    Wanneer moet een Nederlandse webshop zich in LUCID registreren?

    Registratie is nodig als je volgens de PPWR producent bent voor verpakkingen of verpakte producten die voor het eerst in Duitsland beschikbaar worden gesteld. Voor Nederlandse webshops is rechtstreekse verkoop aan Duitse eindgebruikers de belangrijkste situatie. Denk aan:

    • je verzendt producten vanuit Nederland rechtstreeks naar Duitse consumenten;
    • je verkoopt rechtstreeks aan Duitse zakelijke eindgebruikers die het product niet in dezelfde vorm doorverkopen;
    • je gebruikt voor de zending zelf een doos, envelop, tape, label of opvulmateriaal;
    • je brengt eigen merken of geïmporteerde merken zonder Duitse tussenhandelaar op de Duitse markt.

    Er geldt geen praktische vrijstelling alleen omdat je weinig pakketten verstuurt. Een volume van minder dan 10 ton kan sinds 2026 wel leiden tot een vereenvoudigde jaarlijkse rapportage, maar neemt de registratie- en systeemverplichtingen niet weg. Start dus niet met omzetdrempels; bepaal eerst of je producent bent en welk verpakkingstype je gebruikt.

    Buitenlandse webshop: Duitse gemachtigde verplicht

    Een bedrijf zonder vestiging in Duitsland dat rechtstreeks lege verpakkingen of verpakte producten aan Duitse eindgebruikers verkoopt, moet sinds 12 augustus 2026 een in Duitsland gevestigde gemachtigde voor uitgebreide producentenverantwoordelijkheid aanwijzen. Deze gemachtigde neemt de EPR-verplichtingen namens het buitenlandse bedrijf over.

    Er is één belangrijke uitzondering: de eerste LUCID-registratie blijft een persoonlijke plicht van de producent. Je kunt een adviseur of gemachtigde dus niet simpelweg de registratie onder diens eigen identiteit laten uitvoeren. Je registreert je eigen onderneming en vermeldt daarbij de gemachtigde. Zonder die informatie kun je de registratie als buitenlandse directe verkoper niet voltooien.

    Leg in de overeenkomst vast wie systeemcontracten beheert, gegevensmeldingen doet, correcties verwerkt en bewijs aan marktplaatsen of fulfilmentpartners levert. De gemachtigde verandert niet automatisch je verantwoordelijkheid als fabrikant voor de technische PPWR-documentatie.

    Welke verpakkingen moet je meenemen?

    Voor online verkoop gaat het niet alleen om de verpakking rond het product. De ZSVR behandelt verpakkingen voor e-commerce als transportverpakkingen en geeft aan dat zij aan systeemdeelname zijn onderworpen. Neem daarom de volledige verzendcombinatie in je inventaris op, bijvoorbeeld:

    • verzenddozen en verzendenveloppen;
    • tape, verzendlabels en sluitmateriaal;
    • papieren of kunststof opvulmateriaal;
    • product- en omverpakkingen die bij Duitse eindgebruikers afval worden.

    Weeg of bereken de materialen afzonderlijk, bijvoorbeeld papier/karton, kunststof, glas, aluminium en overige metalen. Gebruik waar mogelijk productspecificaties van leveranciers en controleer steekproefsgewijs het werkelijke gewicht. Een grove schatting op basis van alleen het aantal orders leidt snel tot afwijkingen tussen je systeemcontract en LUCID.

    LUCID, systeemdeelname en rapportage: drie verschillende stappen

    1. Registratie in LUCID

    De registratie bij de ZSVR is gratis. Je voert onder meer bedrijfs- en contactgegevens, nationale identificatie- en belastinggegevens, merknamen, verpakkingstypen en de gegevens van een eventuele gemachtigde in. Na bevestiging ontvang je de Duitse EPR-registratiecode voor verpakkingen: het LUCID-registratienummer.

    2. Systeemdeelname

    Voor verpakkingen die aan systeemdeelname zijn onderworpen, sluit je een overeenkomst met één of meer erkende Duitse systeembeheerders. Deze systemen organiseren en financieren inzameling, sortering en recycling. De vergoeding hangt onder meer af van materiaalsoort en gewicht. De ZSVR registreert je wel, maar verkoopt zelf geen systeemcontract.

    3. Gegevensmelding

    Je rapporteert de verpakkingsvolumes aan de systeembeheerder én in LUCID. Materiaalsoort, massa en rapportageperiode moeten op elkaar aansluiten. Ook correcties en aanvullende meldingen moeten consistent worden verwerkt. Producenten die in het voorafgaande kalenderjaar minder dan 10 ton betrokken verpakking in Duitsland beschikbaar stelden, kunnen onder de actuele regels gebruikmaken van een vereenvoudigde jaarmelding uiterlijk 1 juni; controleer bij de ZSVR of die route op jouw situatie van toepassing is.

    Praktisch stappenplan voor Nederlandse webshops

    1. Breng Duitse verkooproutes in kaart. Noteer per kanaal of je rechtstreeks aan een eindgebruiker verkoopt, via een Duitse handelaar werkt of fulfilment gebruikt.
    2. Bepaal je producentenrol. Beoordeel wie de Duitse marktketen start voor het product en voor de afzonderlijke verpakkingen.
    3. Maak een verpakkings-BOM. Leg per ordertype de onderdelen, materiaalsoorten en gewichten vast.
    4. Wijs zo nodig een Duitse gemachtigde aan. Regel dit vóór registratie en leg verantwoordelijkheden schriftelijk vast.
    5. Registreer zelf in LUCID. Gebruik exact dezelfde ondernemingsgegevens als in je systeemcontract en bij verkoopplatforms.
    6. Sluit een systeemcontract. Meld de verwachte materiaalvolumes bij een erkende systeembeheerder voordat je in Duitsland verkoopt.
    7. Rapporteer consistent. Houd aantallen, gewichten, retouren en correcties bij en stem meldingen in beide systemen af.
    8. Bewaar bewijs. Archiveer registratie, machtiging, systeemovereenkomst, volumeberekeningen en meldbevestigingen per kalenderjaar.

    Marktplaatsen en fulfilment nemen je plicht niet over

    Elektronische marktplaatsen en fulfilmentdienstverleners moeten de naleving van hun zakelijke partners controleren. Zij kunnen je LUCID-registratiestatus in het openbare register controleren en aanvullend bewijs van systeemdeelname vragen. Bij ontbrekende of onjuiste gegevens kan een platform aanbiedingen blokkeren of een fulfilmentdienstverlener zijn diensten stoppen.

    Dat een marktplaats je LUCID-nummer accepteert, bewijst niet dat alle verpakkingen correct in een systeem zijn opgenomen of dat je volumemeldingen kloppen. Ook verandert fulfilment niet vanzelf wie producent is. Leg per partij vast wie de verzendverpakking vult, wie deze voor het eerst op de Duitse markt brengt en welk bewijs wordt uitgewisseld.

    Veelgemaakte fouten

    • Alleen een LUCID-nummer aanvragen. Voor betrokken verpakkingen blijven systeemdeelname en rapportage nodig.
    • Het oude VerpackG als actuele rechtsbasis gebruiken. Sinds 12 augustus 2026 gelden de PPWR en het VerpackDG.
    • Verzendmateriaal vergeten. Doos, tape, label en opvulling tellen mee.
    • Geen Duitse gemachtigde aanwijzen. Dit is sinds augustus 2026 verplicht voor bepaalde buitenlandse directe verkopers zonder Duitse vestiging.
    • Verschillende bedrijfsnamen of nummers gebruiken. Afwijkingen tussen LUCID, systeemcontract en platformgegevens kunnen controles laten mislukken.
    • WEEE en verpakkingen samenvoegen. Elektrische apparatuur kent een aparte Duitse route via stiftung ear. Lees daarvoor het artikel over WEEE-registratie in Duitsland.

    Verschil met verpakkings-EPR in Nederland

    De PPWR geldt in de hele EU, maar EPR-registratie en financiering worden per lidstaat uitgevoerd. Voor de Nederlandse markt loopt de UPV voor verpakkingen via Verpact; voor de Duitse markt loopt registratie via LUCID en systeemdeelname via een Duitse systeembeheerder. Een Nederlandse registratie dekt Duitsland dus niet. Zie de aparte uitleg over EPR voor verpakkingen in Nederland.

    Veelgestelde vragen

    Is LUCID-registratie gratis?

    Ja, registratie en gegevensmeldingen bij de ZSVR zijn gratis. De systeemdeelname is niet gratis: daarvoor betaal je een vergoeding aan een gekozen systeembeheerder op basis van onder meer materiaal en volume. Ook een Duitse gemachtigde kan kosten rekenen.

    Is er een minimale omzet of hoeveelheid?

    Een kleine omzet of een beperkt aantal zendingen is op zichzelf geen algemene vrijstelling van registratie of systeemdeelname. Minder dan 10 ton per jaar kan wel een vereenvoudigde rapportage mogelijk maken. Dat is een administratieve vereenvoudiging, geen uitzondering op de producentenverantwoordelijkheid.

    Mag een adviseur mijn LUCID-registratie doen?

    De initiële registratie is een persoonlijke plicht van de producent. Een gemachtigde kan andere EPR-taken overnemen, maar niet onder zijn eigen identiteit jouw eerste registratie vervangen. Gebruik de officiële ZSVR-instructies en leg de machtiging afzonderlijk vast.

    Heb ik LUCID nodig als een marketplace fulfilment regelt?

    Dat kan nog steeds. Fulfilment bepaalt niet automatisch wie producent is. Beoordeel de contracten en feitelijke stroom: wie brengt de verpakking of het verpakte product voor het eerst in Duitsland beschikbaar, en wie vult de verzendverpakking? De dienstverlener zal bovendien bewijs van naleving kunnen verlangen.

    Dekt LUCID ook elektrische apparaten?

    LUCID dekt de Duitse verpakkingsregistratie. Voor elektrische en elektronische apparaten gelden daarnaast WEEE-verplichtingen en registratie via stiftung ear. Voor batterijen kan nog een aparte producentenverantwoordelijkheid gelden. Eén product kan dus meerdere registratieroutes tegelijk hebben.

    Controleer je Duitse verkooproute vóór de eerste zending

    De juiste registratie volgt uit je rol, verkooproute en de concrete verpakking. Met de KeurMatch ProductCheck krijg je snel zicht op relevante product- en verpakkingsregels, benodigde registraties en documenten voor jouw verkoopmodel.

    Officiële bronnen

    Bronnen gecontroleerd op 14 oktober 2026. Dit artikel geeft algemene productcompliance-informatie en vervangt geen beoordeling van je specifieke contracten, verkooproute of verpakking.

  • WEEE in Duitsland: registratie bij stiftung ear voor Nederlandse webshops

    WEEE in Duitsland: registratie bij stiftung ear voor Nederlandse webshops

    Auteur: Roger · Gepubliceerd op 10 oktober 2026 · Laatst inhoudelijk bijgewerkt op 10 oktober 2026

    Verkoop je vanuit Nederland elektrische apparaten rechtstreeks aan klanten in Duitsland? Dan moet je vóór de verkoop de Duitse WEEE-registratie beoordelen. Een Nederlandse registratie volstaat niet. Zonder Duitse vestiging verloopt de registratie doorgaans via een Duitse gemachtigde.

    Wat is WEEE-registratie in Duitsland?

    WEEE staat voor Waste Electrical and Electronic Equipment: afgedankte elektrische en elektronische apparatuur. De regels zorgen dat bedrijven bijdragen aan de inzameling en verwerking van apparaten die later afval worden. In Duitsland zijn deze Europese uitgangspunten uitgewerkt in het Elektro- und Elektronikgerätegesetz, afgekort ElektroG. De stiftung elektro-altgeräte register, meestal stiftung ear genoemd, verzorgt de registratie.

    Een voorbeeld: je Nederlandse webshop verkoopt elektrische bureaulampen rechtstreeks aan Duitse consumenten. Je maakt de lampen misschien niet zelf, maar kunt voor de Duitse afvalregels toch als producent gelden. Je moet dan laten regelen wie voor die apparaten verantwoordelijk is en welke merken en apparaattypen geregistreerd zijn. Dit kan ook gelden voor importeurs, eigen merken en leveranciers aan zakelijke eindgebruikers. De productsoort, verkooproute en wettelijke uitzonderingen bepalen de precieze uitkomst.

    WEEE is een vorm van uitgebreide producentenverantwoordelijkheid: verantwoordelijkheid voor de afvalfase van je product. Het is geen kwaliteitskeurmerk en vervangt geen productveiligheidscontrole. Voor de Nederlandse procedure lees je ons stappenplan voor WEEE-registratie in Nederland. Dit artikel gaat specifiek over de Duitse markt.

    Elektrische apparaten met het WEEE-symbool van de doorgestreepte afvalbak
    Bij verkoop van elektrische apparaten hoort ook verantwoordelijkheid voor de afvalfase.

    Wanneer krijgt een Nederlandse webshop met het ElektroG te maken?

    De producentendefinitie staat in § 3 ElektroG. Beoordeel niet alleen wie de fabriek bezit, maar vooral wie aanbiedt, onder welk merk en aan welke afnemer. Denk aan deze situaties:

    • Rechtstreekse online verkoop aan Duitse eindgebruikers: een buiten Duitsland gevestigde verkoper kan zelf producent zijn, ook bij verkoop van een bestaand merk.
    • Eigen merk of private label: laten maken en onder eigen naam aanbieden kan producentenverantwoordelijkheid opleveren.
    • Levering aan een Duitse wederverkoper: bepaal wie de apparaten als eerste op de Duitse markt aanbiedt en welke rol een eventueel aangewezen gemachtigde heeft. Deze route verschilt van rechtstreekse verkoop aan eindgebruikers.
    • Doorverkoop binnen Duitsland: controleer of de verantwoordelijke producent correct geregistreerd is. Ook een distributeur mag onjuist geregistreerde apparatuur niet zomaar aanbieden.

    Leg dit per handelsstroom vast. Dezelfde onderneming kan voor het ene artikel rechtstreeks verkopen en voor het andere via een Duitse importeur werken. Een WEEE-nummer op een leveranciersfactuur bewijst op zichzelf niet dat jouw eigen verkooproute is afgedekt.

    Welke apparaten vallen eronder?

    Het ElektroG heeft een brede reikwijdte voor elektrische en elektronische apparatuur. Er zijn zes hoofdcategorieën, waaronder warmtewisselende apparatuur, schermen, lampen, grote apparaten, kleine apparaten en kleine IT- en telecomapparatuur. Voor registratie gebruikt ear daarbinnen specifieke Gerätearten: groepen apparaten met vergelijkbaar gebruik of vergelijkbare functies.

    Niet alles valt er automatisch onder. § 2 ElektroG kent bijvoorbeeld afgebakende uitzonderingen voor bepaalde grote vaste industriële installaties en specifieke medische apparatuur. Een algemene aanduiding als ‘industrieel’ of ‘professioneel’ is onvoldoende om een uitzondering te claimen. Controleer productfunctie, afmetingen, gebruik en de exacte uitzonderingsvoorwaarden.

    WEEE-registratie in Duitsland regelen in zes stappen

    1. Maak een product- en verkoopoverzicht

    Noteer per artikel het merk op het apparaat, model, functie, afmetingen, gewicht, verwachte Duitse verkoop en type afnemer. Voeg productfoto’s en een korte gebruiksbeschrijving toe. Zo kan je gemachtigde de indeling beoordelen en kun je nieuwe artikelen later tegen de bestaande registratie controleren.

    2. Benoem een Duitse gemachtigde als die nodig is

    Een producent zonder Duitse vestiging kan de registratie niet zelfstandig als binnenlandse producent afhandelen. Je benoemt een in Duitsland gevestigde Bevollmächtigter. Deze neemt de wettelijke producententaken onder het ElektroG op zich. Dat is een specifieke juridische rol; alleen een adviseur laten helpen met formulieren is niet hetzelfde.

    Volgens § 8 ElektroG mag je één gemachtigde hebben. De opdracht moet schriftelijk, in het Duits en voor minstens drie maanden zijn vastgelegd. Ear moet de benoeming bevestigen. Spreek daarnaast praktisch af wie productgegevens aanlevert, meldingen verzorgt, deadlines bewaakt en veranderingen in je assortiment doorgeeft.

    Een Duits magazijn of fulfillmentcontract maakt je onderneming niet vanzelf tot een Duitse vestiging. Ear licht de vestigingscriteria en de procedure toe in de instructie voor buitenlandse ondernemingen.

    3. Controleer iedere combinatie van merk en apparaattype

    Registratie gebeurt per merk én Geräteart, niet simpelweg voor ‘alle elektronica’ en ook niet standaard per afzonderlijk model. Een nieuw merk of een andere apparaatgroep kan een extra registratie vereisen. De officiële indeling van ear helpt bij die beoordeling.

    Maak hierbij onderscheid tussen apparaten die ook thuis bruikbaar zijn en apparaten uitsluitend voor niet-huishoudelijk gebruik. Alleen leveren aan bedrijven maakt een gewone bureaulamp nog geen uitsluitend zakelijk apparaat. Leg de onderbouwing van je keuze vast.

    4. Regel de financiële garantie of het terugnameconcept

    Voor apparaten die in particuliere huishoudens gebruikt kunnen worden, is een insolventiebestendige financiële garantie nodig voor de afvalfase. Deze moet ook beschikbaar blijven als het bedrijf zijn verplichtingen niet meer kan betalen. Dit is iets anders dan de garantie die je klant krijgt bij een defect product.

    Bij apparaten die uitsluitend buiten particuliere huishoudens worden gebruikt, of daar gewoonlijk niet worden gebruikt, moet je dat aannemelijk maken. Daar hoort een terugnameconcept bij. § 7a ElektroG vraagt onder meer hoe teruggeven mogelijk is en wie een ingeschakelde dienstverlener is. ‘De klant regelt het zelf’ is geen uitgewerkt terugnameproces.

    5. Wacht op de beschikking en controleer het register

    Een account aanmaken of aanvraag indienen is nog geen registratie. Wacht op het Registrierungsbescheid, de beschikking waarmee ear de registratie bevestigt. Controleer vervolgens in het openbare register van producenten en gemachtigden de onderneming, vertegenwoordiging, merken en apparaattypen. Bewaar de beschikking bij je productadministratie.

    Laat een collega vóór livegang één concreet artikel nalopen: klopt het merk op de foto met de registratie, past het apparaat bij de geregistreerde groep en hoort de registratie bij de juiste onderneming? Een correct nummer met de verkeerde merkcombinatie is geen afgeronde controle.

    6. Verwerk het WEEE-nummer en richt de uitvoering in

    De Duitse registratie levert een WEEE-Reg.-Nr. DE met acht cijfers op. De producent moet zijn registratienummer bij het aanbieden en op facturen vermelden. Leg het daarom vast in je webshop-, facturatie- en eventuele marketplacegegevens. Stem met je gemachtigde af welk nummer bij jouw registratie hoort; neem niet blind dat van een leverancier over.

    De registratie is vervolgens het begin van een doorlopend proces. Regel hoeveelheidsmeldingen, terugname, verwerking en de benodigde financiële dekking. Maak één medewerker verantwoordelijk voor de aanlevering en controleer ook bij assortimentsuitbreiding opnieuw de dekking.

    Wat moet je na registratie blijven bijhouden?

    De meldingsinstructies van ear maken onderscheid tussen verschillende hoeveelheidsmeldingen en de jaarlijkse statistiek. Leg met je gemachtigde vast welke opgaven voor jouw situatie gelden. Gebruik een administratie waarin Duitsland apart staat van Nederland en andere afzetlanden.

    • Bewaar verkochte aantallen en gewichten per rapportageperiode en apparaattype.
    • Houd wijzigingen van bedrijfsgegevens, merken en assortiment bij.
    • Leg vast welke meldingen zijn ingediend en wie de uitkomst heeft gecontroleerd.
    • Controleer de voortzetting van garanties, terugnameafspraken en de opdracht aan je gemachtigde.

    Controleer ook de productmarkering en informatie voor de eindgebruiker. De doorgestreepte afvalbak op elektrische producten en het registratienummer hebben verschillende functies. Daarnaast blijven bijvoorbeeld de toepasselijke elektrische productveiligheidsregels relevant. Bij een ingebouwde batterij en een verpakking kunnen afzonderlijke producentenverplichtingen spelen.

    Wat kost registratie en hoeveel tijd kost het?

    Er is geen universele totaalprijs. Houd rekening met officiële registratie- en terugkerende uitvoeringskosten, de dienstverlening van de gemachtigde, eventuele garanties en inzameling/verwerking. Ear publiceert actuele kosten en rekenvoorbeelden. Vraag bij een dienstverlener apart wat is inbegrepen en wat per merk, apparaatgroep of melding wordt berekend.

    Ear noemt voor een volledige en juiste aanvraag doorgaans twee tot vier weken; complexe aanvragen of drukte kunnen langer duren. Plan bij een buitenlandse onderneming ook tijd in voor de gemachtigde en de bevestiging van diens benoeming. Beloof daarom geen vaste Duitse lanceringsdatum voordat de procedure rond is.

    Veelgestelde vragen

    Is mijn Nederlandse WEEE-registratie ook geldig in Duitsland?

    Nee, deze vervangt de Duitse registratie niet. De uitvoering verloopt via nationale registers. Houd de landenadministraties gescheiden en beoordeel je rol in elke markt. De Europese uitleg over WEEE-verantwoordelijkheden beschrijft dit uitgangspunt.

    Moet ik registreren als ik maar weinig apparaten verkoop?

    Ga niet uit van een algemene vrijstelling voor kleine webshops of lage aantallen. Eerst moet duidelijk zijn of het product onder het ElektroG valt en of jij producent bent. Een kleine verkoopomvang verandert die beoordeling niet automatisch.

    Is verkoop via een marketplace voldoende geregeld?

    Nee. Een marketplace neemt jouw producentenrol niet automatisch over. § 6 ElektroG verbiedt platforms het aanbieden of beschikbaar stellen van apparaten van niet correct geregistreerde producenten mogelijk te maken. Een registratieprobleem kan dus ook je platformverkoop raken.

    Is een WEEE-nummer hetzelfde als een CE-certificaat?

    Nee. Het nummer hoort bij de registratie voor producentenverantwoordelijkheid. Het is geen bewijs dat een apparaat technisch veilig is of aan alle CE-eisen voldoet. Houd de afvalregistratie en de technische productdocumentatie beide op orde.

    Controleer je Duitse verkooproute vóór livegang

    Begin met één product en werk de volledige route uit: leverancier, merk, afnemer, Duitse verantwoordelijke, registratie en administratie. Herhaal de controle voor afwijkende productgroepen. Met de KeurMatch ProductCheck kun je verkennen welke productregels en vervolgstappen bij jouw assortiment passen.

    Officiële bronnen

    Inhoud en officiële bronnen gecontroleerd op 10 oktober 2026.

  • EUDR FAQ 2026: 12 praktische vragen voor importeurs en webshops

    EUDR FAQ 2026: 12 praktische vragen voor importeurs en webshops

    Auteur: Roger · Gepubliceerd op 8 oktober 2026 · Laatst inhoudelijk bijgewerkt op 8 oktober 2026

    De EUDR brengt een nieuwe controleketen mee voor bepaalde producten met hout, cacao, koffie, rubber, soja, palmolie of rundvee. Voor webshops en importeurs draait de voorbereiding vooral om één vraag: kun je vóór het verhandelen aantonen waar het product en de relevante grondstof vandaan komen? Deze FAQ geeft praktische antwoorden en helpt je bepalen welke actie bij jouw rol past.

    Wereldkaart met bos, handelsroute, houtproducten en controlelijst voor EUDR-traceerbaarheid
    EUDR-traceerbaarheid verbindt product, handelsroute en herkomstgegevens.

    Wat is de EUDR?

    EUDR staat voor EU Deforestation Regulation. In het Nederlands heet dit de EU-ontbossingsverordening. Dat zijn geen twee verschillende regels, maar twee namen voor dezelfde Europese verordening. Het uitgangspunt is dat bepaalde grondstoffen en afgeleide producten alleen in de EU mogen worden aangeboden of vanuit de EU mogen worden uitgevoerd als zij ontbossingsvrij zijn, volgens de wetten van het productieland zijn geproduceerd en met de vereiste informatie traceerbaar zijn.

    De regeling bestaat om te voorkomen dat consumptie en handel in de EU bijdragen aan ontbossing en bosdegradatie. Een concreet voorbeeld: importeert een Nederlandse webshop houten serveerplanken rechtstreeks uit een land buiten de EU, dan moet zij eerst controleren of de productcode in bijlage I van de EUDR staat. Valt de plank eronder en is de webshop de eerste die haar in de EU op de markt brengt, dan moet zij informatie over onder meer de houtsoort, het productieland en de percelen verzamelen, het risico beoordelen en vóór het verhandelen een zorgvuldigheidsverklaring indienen.

    Niet ieder product waarin een van de zeven grondstoffen voorkomt valt automatisch onder de EUDR. De productcode in bijlage I, de plaats in de handelsketen, de bedrijfsgrootte en overgangsregels bepalen wat je precies moet doen en wanneer. Daardoor kunnen producenten, importeurs, exporteurs, groothandels en webshops allemaal met de EUDR te maken krijgen, maar niet altijd met dezelfde verplichtingen. Begin daarom met de basisuitleg over de reikwijdte van de EUDR en gebruik de vragen hieronder voor de uitvoering.

    Wanneer gelden de EUDR-deadlines?

    Volgens de actuele Europese planning gelden de hoofdverplichtingen vanaf 30 december 2026 voor grote en middelgrote ondernemingen. Voor micro- en kleine ondernemingen die uiterlijk 31 december 2024 als zodanig waren opgericht, geldt in beginsel 30 juni 2027. Voor sommige houtproducten die al onder de oude EU-houtverordening vielen, gelden afwijkende overgangsregels. Ook producten die pas door een latere wijziging aan de productlijst zijn toegevoegd, kunnen een andere ingangsdatum hebben. Controleer daarom altijd je productcode én de toepasselijke overgangsbepaling; baseer je voorbereiding niet alleen op de omvang van je bedrijf.

    EUDR FAQ: 12 praktische vragen

    1. Valt ieder product met hout, rubber, leer of koffie onder de EUDR?

    Nee. De EUDR werkt met een afgebakende lijst van goederencodes in bijlage I. De aanwezigheid van een grondstof is een eerste signaal, maar niet de juridische eindtoets. Een houten meubel kan bijvoorbeeld wel onder een genoemde GN- of HS-code vallen, terwijl een ander samengesteld product met een klein houten onderdeel buiten de lijst valt. Bepaal daarom eerst de juiste douanecode en vergelijk die met de actuele bijlage I. Let ook op latere wijzigingen van die bijlage.

    2. Ben ik marktdeelnemer, handelaar of downstream-bedrijf?

    Een marktdeelnemer brengt een relevant product voor het eerst in de EU in de handel of voert het uit. Een handelaar biedt een relevant product verderop in de keten aan zonder de eerste marktdeelnemer te zijn. Een onderneming kan ook relevante producten verwerken tot een ander relevant product en daardoor een downstream-marktdeelnemer zijn. Dezelfde webshop kan per productstroom een andere rol hebben: rechtstreeks importeren uit China is iets anders dan inkopen bij een Nederlandse groothandel. Leg je rol dus per leverancier, productcode en handelsstroom vast.

    3. Wat moet een webshop bewaren als zij bij een EU-leverancier inkoopt?

    Vraag minstens vastleggingen waarmee je leverancier, afnemer en productstroom zijn te herleiden. Afhankelijk van je rol en omvang moet je ook het referentienummer van de eerder ingediende zorgvuldigheidsverklaring kunnen bewaren en doorgeven. Kleine downstream-bedrijven en kleine handelaren hebben doorgaans lichtere verplichtingen dan de eerste marktdeelnemer, maar zijn niet vrijgesteld van traceerbaarheid. Bewaar de gegevens gestructureerd en koppel ze aan artikelnummer, batch, levering en leverancier.

    4. Wat verandert er als ik rechtstreeks van buiten de EU importeer?

    Wie een relevant product rechtstreeks invoert en als eerste in de EU in de handel brengt, is meestal marktdeelnemer. Dan volstaat een leveranciersverklaring niet. Je moet een zorgvuldigheidsstelsel toepassen: informatie verzamelen, risico’s beoordelen, zo nodig beperken en vóór het op de markt brengen een zorgvuldigheidsverklaring indienen. Neem EUDR-informatie daarom op in je inkoopproces en vraag documenten vóór verzending op. Bekijk ook welke documenten je bij import uit China moet opvragen.

    5. Wat is een zorgvuldigheidsstelsel?

    Het zorgvuldigheidsstelsel is je interne werkwijze om EUDR-risico’s te beheersen. Het bestaat uit drie onderdelen: voldoende product- en herkomstinformatie verzamelen, het risico op ontbossing of illegaliteit beoordelen en een niet-verwaarloosbaar risico terugbrengen tot een verwaarloosbaar niveau. Denk aan vaste leveranciersvragen, controle van bewijsstukken, een beslisregel voor ontbrekende geodata en periodieke evaluatie. Het is dus meer dan een map met certificaten.

    6. Wat is een zorgvuldigheidsverklaring?

    Een zorgvuldigheidsverklaring is de formele verklaring die een marktdeelnemer via het Europese EUDR-informatiesysteem indient voordat een relevant product wordt verhandeld of uitgevoerd. Daarmee verklaart de onderneming dat zij zorgvuldigheid heeft betracht en geen of slechts een verwaarloosbaar risico heeft vastgesteld. Het systeem kent een referentienummer dat verderop in de keten kan worden gebruikt. Verwar de verklaring niet met het zorgvuldigheidsstelsel: de verklaring is de uitkomst per productstroom of zending; het stelsel is de blijvende interne werkwijze erachter.

    7. Welke geolocatiegegevens heb ik nodig?

    Je hebt de geografische locatie nodig van alle percelen waar de relevante grondstof is geproduceerd. Voor percelen tot en met vier hectare kan dat doorgaans met één coördinaat; voor grotere percelen is een polygoon nodig die de grenzen beschrijft. Bij rundvee gaat het om de locaties van de inrichtingen waar de dieren zijn gehouden. Vraag gegevens in een bruikbaar digitaal formaat op, controleer of de locatie bij de opgegeven producent en grondstof past en voorkom dat partijen met onbekende herkomst worden vermengd.

    8. Is een FSC-, PEFC- of ander certificaat genoeg?

    Nee. Certificering kan ondersteunend bewijs leveren en helpen bij de risicobeoordeling, maar vervangt de wettelijke zorgvuldigheid niet. Je blijft zelf verantwoordelijk voor de vereiste productgegevens, geolocatie, beoordeling van legaliteit en ontbossingsrisico en – wanneer van toepassing – de verklaring in het informatiesysteem. Controleer bovendien welke claims het certificaat werkelijk dekt; een duurzaamheidskeurmerk zegt niet automatisch iets over alle EUDR-voorwaarden.

    9. Wat betekent ‘laag risico’ bij een productieland?

    De Europese Commissie classificeert landen als laag, standaard of hoog risico. Bij productie in een laagrisicoland kan een vereenvoudigde zorgvuldigheidsprocedure mogelijk zijn. Dat is geen vrijstelling: de vereiste informatie en traceerbaarheid blijven nodig, en je moet beoordelen of er aanwijzingen zijn voor omzeiling, vermenging of een ander concreet risico. Voor standaard- en hoogrisicolanden gelden de volledige risicobeoordeling en eventuele risicobeperkende maatregelen.

    10. Hoe lang moet ik EUDR-documenten bewaren?

    Bewaar de relevante informatie, bewijsstukken, risicobeoordelingen en maatregelen minimaal vijf jaar. Zorg dat je dossiers niet alleen vindbaar zijn voor een controle, maar ook laten zien welke beslissing op welk moment is genomen. Een werkbaar dossier bevat bijvoorbeeld de productcode, leverancier, batch of zending, land en perceel van productie, bewijs van legaliteit, uitgevoerde controles, conclusie en het nummer van de zorgvuldigheidsverklaring.

    11. Hoe ga ik om met bestaande voorraad en overgangssituaties?

    De relevante productiedatum en het moment waarop een product in de EU in de handel is gebracht kunnen bepalend zijn. Voor producten die vóór de toepasselijke datum zijn geproduceerd of al eerder in de handel zijn gebracht, bestaan overgangsregels; voor bepaalde houtproducten gelden aparte bepalingen. Alleen een factuurdatum is niet altijd voldoende bewijs. Verzamel daarom tijdig documenten over productie, invoer en eerste verhandeling en leg vast op welke overgangsregel je je baseert. Bij twijfel over een concrete partij is juridisch of douanetechnisch advies verstandig.

    12. Wat moet ik vóór 30 december 2026 regelen?

    Maak eerst een productlijst met GN- of HS-codes en markeer de producten die in bijlage I staan. Leg daarna per stroom je rol vast, breng leveranciers en landen van productie in kaart en test of je de vereiste geolocatie en legaliteitsinformatie daadwerkelijk kunt krijgen. Richt vervolgens je zorgvuldigheidsstelsel, dossiers en verantwoordelijkheden in, maak afspraken over referentienummers met leveranciers en afnemers en oefen met het Europese informatiesysteem. Wacht niet tot de laatste zending: ontbrekende perceelgegevens zijn vaak niet achteraf te reconstrueren.

    Praktische voorbereiding in zes stappen

    1. Classificeer producten: bepaal de douanecode en vergelijk die met de actuele EUDR-productlijst.
    2. Bepaal je rol: leg per handelsstroom vast of je eerste marktdeelnemer, exporteur, downstream-bedrijf of handelaar bent.
    3. Maak leveranciersafspraken: specificeer welke herkomst-, perceel-, legaliteits- en referentiegegevens je vóór levering nodig hebt.
    4. Bouw het dossier: koppel bewijsstukken aan product, batch, zending en beslissing en stel een bewaartermijn van minimaal vijf jaar in.
    5. Beoordeel risico’s: documenteer je criteria, uitzonderingen, escalatie en eventuele risicobeperkende maatregelen.
    6. Test de uitvoering: doorloop één echte productstroom van inkoop tot verklaring en controleer waar informatie ontbreekt.

    De EUDR staat niet op zichzelf. Productveiligheid, CE-regels, etikettering, chemische stoffen of producentenverantwoordelijkheid kunnen tegelijk gelden. Gebruik daarom een breder product-compliance-overzicht om alle verplichtingen per product te ordenen.

    Laat je product gericht controleren

    Twijfel je of een productcode, handelsrol of documentatiepakket klopt? Met de KeurMatch ProductCheck krijg je een praktisch overzicht van toepasselijke productregels en ontbrekende vervolgstappen. Dat voorkomt dat je de EUDR los beoordeelt terwijl andere eisen voor hetzelfde product worden gemist.

    Officiële bronnen

    Bronnen en ingangsdata gecontroleerd op 8 oktober 2026. Europese uitvoeringsinformatie en productlijsten kunnen wijzigen; controleer bij concrete beslissingen steeds de actuele officiële publicaties.

  • EPR voor verpakkingen in Nederland: wat moeten importeurs en webshops regelen?

    EPR voor verpakkingen in Nederland: wat moeten importeurs en webshops regelen?

    Laatst inhoudelijk bijgewerkt op 7 oktober 2026

    Verkoop of importeer je verpakte producten in Nederland, dan kun je voor de verpakking juridisch producent zijn. Je moet per verpakkingsstroom vastleggen wat je op de Nederlandse markt brengt, beoordelen of registratie en aangifte bij Verpact nodig zijn en rekening houden met uitzonderingen voor statiegeld en bepaalde wegwerpplastic verpakkingen. Sinds 12 augustus 2026 geldt daarnaast de Europese Packaging and Packaging Waste Regulation (PPWR).

    Dit artikel gaat specifiek over EPR voor verpakkingen in Nederland. Voor de samenhang met elektronica, batterijen en textiel lees je het bredere overzicht over UPV voor producenten en importeurs.

    Wat betekent EPR voor verpakkingen?

    In gewone taal: EPR betekent Extended Producer Responsibility; in Nederland heet dat UPV (Uitgebreide Producentenverantwoordelijkheid). Het betekent dat de verantwoordelijkheid van een producent niet ophoudt bij de verkoop, maar ook betrekking kan hebben op de inzameling en verwerking van verpakkingsafval. Voorbeeld: importeer je als webshop producten in kartonnen dozen, dan moet je bepalen of jouw onderneming verantwoordelijk is voor die verpakkingen. Dat staat los van de veiligheidseisen voor de producten zelf.

    Het gaat onder meer om verkoopverpakkingen, verzamelverpakkingen en verzend- of transportverpakkingen. Welke verplichtingen gelden, hangt af van jouw rol en van de soort verpakking.

    De Nederlandse overheidsinformatie van Afval Circulair noemt als kernvraag wie een verpakking of verpakt product als eerste beroepsmatig op de Nederlandse markt aanbiedt. De verkooptechniek maakt daarbij niet uit: ook online verkoop en verkoop via een platform kunnen binnen de regeling vallen.

    Wanneer ben je producent voor verpakkingen?

    Kijk niet alleen naar wie de verpakking fysiek heeft gemaakt. Voor EPR gaat het om de partij die volgens de wettelijke definitie verantwoordelijk is voor het voor het eerst aanbieden in Nederland. In de praktijk moet je ten minste de volgende situaties beoordelen:

    • Import uit een land buiten Nederland: je voert verpakte producten in en brengt ze vervolgens in Nederland op de markt.
    • Eigen merk of private label: je laat producten of verpakkingen onder jouw naam, logo of merk aanbieden.
    • Verzendverpakking van je webshop: je voegt dozen, enveloppen, vulmateriaal, tape of andere verpakking aan de zending toe.
    • Verkooppuntverpakking: een verpakking wordt pas bij verkoop aan het product toegevoegd.
    • Grensoverschrijdende afstandsverkoop: een buitenlandse onderneming verkoopt verpakte producten rechtstreeks aan Nederlandse eindgebruikers.

    Sinds de PPWR van toepassing is, moet de rolverdeling bovendien worden getoetst aan de Europese definities. Verpact beschrijft dat de producent afhankelijk van verpakkingstype en handelsroute een fabrikant, importeur of distributeur kan zijn. Leg daarom per stroom vast wie de productverpakking, importverpakking en eigen verzendverpakking aangeeft.

    Webshop via Amazon, bol of een ander platform

    Een verkoopplatform neemt je verpakkingsverantwoordelijkheid niet automatisch over. Controleer contractueel wie het verpakte product voor het eerst in Nederland aanbiedt en wie de verzendverpakking toevoegt. Bewaar vervolgens de onderbouwing en eventuele registratienummers. De PPWR verplicht bepaalde onlineplatforms om informatie over EPR-registratie van verkopers op te vragen voordat zij verkoop aan consumenten faciliteren.

    Eén product kan meerdere verpakkingsverantwoordelijken hebben

    Een fabrikant kan verantwoordelijk zijn voor de verkoopverpakking, terwijl een fulfilmentpartij of webshop een aanvullende verzenddoos gebruikt. Beoordeel iedere verpakking afzonderlijk. Spreek af wie gewichten en materiaalsoorten registreert, zodat dezelfde kilogrammen niet dubbel of juist helemaal niet worden aangegeven.

    Moet je je altijd bij Verpact aanmelden?

    Voor de Nederlandse collectieve uitvoering is Verpact de producentenorganisatie. Volgens de actuele overheidsuitleg zijn producenten die jaarlijks 50.000 kilogram of minder aan reguliere verpakkingen in de handel brengen vrijgesteld van de meldings- en verslagleggingsplicht. Verpact vermeldt voor deze verpakkingen een vrijstelling tot en met ten minste 31 december 2027. De drempel is echter geen algemene vrijstelling van alle verpakkingsregels.

    • Meer dan 50.000 kilogram reguliere verpakkingen per kalenderjaar: meld je aan, houd een verpakkingenadministratie bij, doe aangifte en betaal de toepasselijke afvalbeheerbijdrage.
    • 50.000 kilogram of minder: controleer of de tijdelijke vrijstelling voor jouw verpakkingsstroom geldt en bewaar de berekening waarmee je onder de drempel blijft.
    • Statiegeldverpakkingen: voor onder meer bepaalde metalen drankverpakkingen en kunststof flessen gelden aparte verplichtingen.
    • Bepaalde single-use plastics: de 50.000-kilogramdrempel geldt niet zonder meer; ook kleine hoeveelheden kunnen registratie, aangifte en een bijdrage vereisen.

    Gebruik dus niet alleen je totale inkoopgewicht. De administratie moet gaan over het gewicht van verpakkingsmateriaal dat je als verantwoordelijke partij in Nederland op de markt brengt. Maak onderscheid naar materiaalsoort en relevante verpakkingscategorie.

    Welke verpakkingen neem je mee in de administratie?

    Begin met een verpakkingen-BOM: een stuklijst per artikel en verzendwijze. Noteer voor ieder onderdeel het materiaal en het gewicht. Denk niet alleen aan de consumentenverpakking, maar ook aan onderdelen die vaak worden vergeten.

    • doos, fles, pot, tube, zak of blister waarin het product wordt verkocht;
    • etiket, dop, deksel, wikkel en andere verpakkingsonderdelen;
    • omdoos, tray, folie of band waarmee meerdere producten worden gebundeld;
    • verzenddoos, envelop, tape, opvulling en beschermend materiaal;
    • pallet, krimpfolie en omsnoeringsband voor transport, voor zover deze binnen jouw verantwoordelijkheid vallen;
    • verpakking die een fulfilmentdienstverlener namens jou toevoegt.

    Koppel de stuklijst aan verkoopaantallen, retouren, export en voorraadvraagstukken. Documenteer aannames en weeg representatieve exemplaren. Laat leveranciersgewichten controleren als materiaal of ontwerp verandert. Een verkeerd gewicht per stuk wordt bij grote volumes snel een materiële aangiftefout.

    Wat verandert de PPWR sinds 12 augustus 2026?

    Verordening (EU) 2025/40 betreffende verpakkingen en verpakkingsafval is rechtstreeks toepasselijk in de EU. De verordening geldt gefaseerd: sommige eisen gelden sinds 12 augustus 2026, terwijl andere bepalingen pas later praktisch uitvoerbaar of verplicht worden. De Europese Commissie benadrukt dat eisen aan recyclebaarheid en minimumaandelen gerecycled kunststof in belangrijke mate vanaf 2030 gaan gelden.

    Europese producentenregisters komen stapsgewijs

    Artikel 44 van de PPWR verplicht iedere lidstaat een nationaal producentenregister in te richten binnen achttien maanden na de eerste relevante uitvoeringshandeling. Zodra het register operationeel is, moet een producent zich registreren in iedere lidstaat waar hij verpakkingen of verpakte producten voor het eerst aanbiedt. Totdat de Nederlandse uitvoering is aangepast, volg je de actuele instructies van de Nederlandse overheid en Verpact.

    De PPWR bevat voor de toekomstige jaarlijkse rapportage een vereenvoudigde gegevensset voor producenten die minder dan tien ton per jaar aanbieden. Dat is geen algemene EPR-vrijstelling en vervangt de Nederlandse 50.000-kilogramroute niet automatisch. Behandel 10 ton en 50.000 kilogram daarom niet als uitwisselbare drempels.

    Verkoop in andere EU-landen

    EPR wordt per verkoopland beoordeeld. Verkoop je rechtstreeks aan eindgebruikers in België, Duitsland of Frankrijk, dan is een Nederlandse registratie niet voldoende. De PPWR voorziet bovendien in een gemachtigd vertegenwoordiger voor bepaalde grensoverschrijdende situaties. Over dit onderdeel loopt in 2026 een Europees wijzigingsvoorstel. Baseer je proces daarom op de definitieve, geldende tekst en de actuele uitleg in het betrokken land.

    Ontwerp- en informatie-eisen staan naast EPR

    Registratie en aangifte maken een verpakking niet automatisch productconform. De PPWR stelt daarnaast eisen aan onder meer minimale verpakking, stoffen, recyclebaarheid, etikettering en hergebruik, met verschillende ingangsdata. Neem die producteisen op in je verpakkingsspecificatie en leveranciersafspraken.

    Praktisch stappenplan voor importeurs en webshops

    1. Breng alle verpakkingsstromen in kaart. Splits verkoop-, verzamel-, transport- en verzendverpakkingen en neem ook fulfilment mee.
    2. Bepaal de producent per stroom en per land. Leg handelsroute, merk, vestigingsland en eerste marktintroductie vast.
    3. Maak een verpakkingen-BOM. Registreer materiaal, gewicht, artikelnummer, leverancier en meetdatum.
    4. Bereken je jaarvolume. Vermenigvuldig gecontroleerde gewichten met aantallen en verwerk retouren en export volgens de toepasselijke aangifteregels.
    5. Toets de drempels en uitzonderingen. Beoordeel reguliere verpakkingen, SUP en statiegeld afzonderlijk.
    6. Regel Verpact en eventuele buitenlandse registraties. Bewaar bevestigingen, mandaten en nummers centraal.
    7. Controleer de PPWR-specificatie. Leg toepasselijke ontwerp-, materiaal- en informatie-eisen vast, inclusief toekomstige deadlines.
    8. Herhaal de controle bij wijzigingen. Nieuwe leveranciers, verpakkingsformaten, verkooplanden of fulfilmentroutes kunnen de uitkomst veranderen.

    Voorbeeld: een Nederlandse webshop importeert verzorgingsproducten uit China. De pot en verkoopdoos komen verpakt Nederland binnen; de webshop voegt een verzenddoos en papieropvulling toe. Zij bepaalt per onderdeel wie producent is, weegt de verpakkingen en beoordeelt afzonderlijk of kunststofonderdelen onder aanvullende SUP-regels vallen. Voor verkoop aan Duitse consumenten voert zij daarnaast een Duitse EPR-check uit.

    Welke bewijsstukken moet je bewaren?

    • de rolbeoordeling per verpakking en verkoopland;
    • stuklijsten, weegverslagen en leveranciersspecificaties;
    • de volume- en drempelberekening per kalenderjaar;
    • aangiften, facturen en correspondentie met Verpact of buitenlandse organisaties;
    • mandaten van een gemachtigd vertegenwoordiger of producentenorganisatie;
    • onderbouwing van uitzonderingen, vrijstellingen en correcties;
    • actuele verpakkingsspecificaties en ontwerpwijzigingen.

    Koppel deze stukken aan de algemene productcompliance van je assortiment. Het artikel over productregels, documenten en registraties helpt om EPR naast CE-, GPSR- en chemische verplichtingen te plaatsen.

    Veelgestelde vragen

    Is EPR packaging hetzelfde als PPWR?

    Nee. EPR is de uitgebreide producentenverantwoordelijkheid voor de afvalfase. De PPWR is de bredere EU-verordening voor verpakkingen en verpakkingsafval en bevat naast EPR ook ontwerp-, materiaal-, etiketterings-, reductie- en hergebruikeisen.

    Ben ik producent als ik alleen producten doorverkoop?

    Niet altijd. Dat hangt af van de handelsroute, het vestigingsland, het merk en wie de verpakking of het verpakte product voor het eerst in Nederland aanbiedt. Voeg je zelf verzendverpakking toe, dan kan voor die verpakking bovendien een afzonderlijke beoordeling nodig zijn.

    Geldt de grens van 50.000 kilogram ook voor SUP en statiegeld?

    Niet zonder meer. Afval Circulair en Verpact vermelden uitzonderingen voor bepaalde eenmalige kunststofverpakkingen en statiegeldverpakkingen. Classificeer deze stromen apart en controleer de actuele registratie- en aangifteroute.

    Moet ik voor elk EU-land apart registreren?

    EPR-verplichtingen worden per land uitgevoerd. De PPWR harmoniseert regels, maar een registratie in Nederland dekt andere lidstaten niet automatisch. Controleer ieder land waar je verpakte producten voor het eerst aanbiedt.

    Is een leveranciersverklaring voldoende voor de aangifte?

    Een leveranciersverklaring kan invoer geven, maar jij moet kunnen uitleggen welke verpakking, gewichten en aantallen in jouw aangifte zijn opgenomen. Controleer steekproefsgewijs, documenteer wijzigingen en leg vast wie de gegevens heeft goedgekeurd.

    Maak van verpakkings-EPR een vaste assortimentcontrole

    Met de KeurMatch ProductCheck breng je in kaart welke productregels en registraties bij je assortiment kunnen horen. Houd je verkooplanden, leveranciers, verpakkingsgewichten en fulfilmentroutes bij de hand.

    Officiële bronnen

    Bronnen gecontroleerd op 7 oktober 2026. De PPWR wordt gefaseerd uitgevoerd en nationale procedures kunnen wijzigen; controleer per verpakkingsstroom, verkoopland en datum welke regels gelden.

  • WEEE-symbool: wanneer moet de doorgestreepte afvalbak op je product staan?

    WEEE-symbool: wanneer moet de doorgestreepte afvalbak op je product staan?

    Laatst inhoudelijk bijgewerkt op 7 oktober 2026

    Kort antwoord: valt een elektrisch of elektronisch apparaat onder de WEEE/AEEA-regels, dan moet het in beginsel het symbool van de doorgestreepte verrijdbare afvalbak dragen. Het symbool hoort zichtbaar, leesbaar en duurzaam op het product zelf te staan. Alleen wanneer formaat of functie dat echt onmogelijk maakt, mag je uitwijken naar verpakking en begeleidende informatie. Voor apparatuur die na de relevante invoeringsdatum op de markt is gebracht, moet bovendien herkenbaar zijn dat het om ‘nieuwe’ apparatuur gaat, doorgaans met de balk onder het symbool of met een datum.

    Dit artikel behandelt uitsluitend de markering. Voor registratie, rapportage, inzameling en financiering lees je het overzicht van WEEE-verplichtingen en het praktische stappenplan voor WEEE-registratie in Nederland.

    Wat betekent het WEEE-symbool?

    Wat is WEEE? WEEE betekent Waste Electrical and Electronic Equipment, oftewel afgedankte elektrische en elektronische apparaten (AEEA). De doorgestreepte afvalbak is een herkenbaar symbool dat aangeeft dat je het apparaat niet bij het gewone huisvuil mag weggooien, maar apart moet laten inzamelen. Denk aan een kapotte broodrooster, föhn of lamp.

    Het is dus geen kwaliteitskeurmerk. Het symbool zegt niet dat het product veilig is getest, dat CE-markering correct is toegepast of dat de producent in Nederland is geregistreerd. Het communiceert alleen de gescheiden afvalroute, terwijl de producent daarnaast eigen verplichtingen heeft voor registratie, rapportage, inzameling en verwerking.

    Wanneer is de doorgestreepte afvalbak verplicht?

    De markeringsplicht volgt uit de WEEE-richtlijn 2012/19/EU. In de actuele geconsolideerde tekst verplicht artikel 14 lid 4 lidstaten ervoor te zorgen dat producenten elektrische en elektronische apparatuur die op de markt wordt gebracht passend markeren met het symbool uit bijlage IX. De richtlijn verwijst daarbij bij voorkeur naar EN 50419:2022.

    De hoofdvraag is daarom eerst of het concrete product elektrische of elektronische apparatuur binnen de WEEE-scope is. Sinds de open scope vallen de meeste apparaten die voor hun werking afhankelijk zijn van elektrische stroom, elektromagnetische velden of batterijen eronder, tenzij een specifieke uitzondering geldt.

    • temperatuuruitwisselingsapparatuur, zoals koelkasten, airco’s en warmtepompen;
    • schermen, monitoren en apparatuur met een schermoppervlak groter dan 100 cm²;
    • lampen;
    • grote apparatuur met ten minste één buitenafmeting van meer dan 50 cm;
    • kleine apparatuur zonder buitenafmeting van meer dan 50 cm;
    • kleine IT- en telecommunicatieapparatuur zonder buitenafmeting van meer dan 50 cm.

    Ook een klein product zoals een USB-lader, elektrische tandenborstel, bluetoothtracker, rookmelder of koptelefoon kan dus onder WEEE vallen. Dat een apparaat goedkoop, draadloos, voor bedrijven bedoeld of onderdeel van een bundel is, sluit de markeringsplicht niet uit. Beoordeel uitzonderingen productgericht en leg de conclusie vast.

    Welke markeringen horen bij de WEEE-verplichting?

    1. De doorgestreepte verrijdbare afvalbak

    Gebruik het officiële symbool uit bijlage IX van de WEEE-richtlijn. Teken geen eigen variant en vervang het niet door alleen een recyclingdriehoek, tekst als ‘niet weggooien’ of een algemeen afvalpictogram. Een grafisch gelijkend icoon kan de wettelijke betekenis verliezen of bij controle discussie opleveren.

    2. Een herkenbare producentidentificatie

    De apparatuur moet herleidbaar zijn tot de producent. Een merknaam of handelsmerk kan die functie vervullen als daarmee ondubbelzinnig duidelijk is welke onderneming juridisch verantwoordelijk is. Controleer of de naam op product, verpakking, handleiding, conformiteitsdocumenten en registratie bij elkaar past. Bij private label kan de verkoper zelf als producent gelden; lees daarom ook wanneer je juridisch fabrikant bent.

    3. De balk onder het symbool of een datum

    Voor apparatuur die na 13 augustus 2005 op de markt is gebracht, moet de marktintroductie na die datum herkenbaar zijn. In de praktijk gebeurt dat meestal met een horizontale balk onder de afvalbak. De officiële EU-bedrijfsinformatie noemt als alternatief een datum waarop het product op de markt is gebracht. De balk hoort bij deze datering en is niet slechts een decoratief onderdeel van het afvalbaksymbool.

    Door Richtlijn (EU) 2024/884 gelden voor zonnepanelen en apparatuur die pas door de open scope onder WEEE kwam specifieke startdata: respectievelijk 13 augustus 2012 en 15 augustus 2018. Voor nieuwe producten is de praktische conclusie meestal hetzelfde: gebruik de actuele markering volgens EN 50419:2022 en leg de gekozen uitvoering vast in de productspecificatie.

    Waar moet het WEEE-symbool staan?

    Hoofdregel: op het product zelf

    Plaats de markering op het apparaat en zorg dat die zichtbaar, leesbaar en duurzaam is. Kies een positie die ook na montage of normaal gebruik herkenbaar blijft. Een label in een afgesloten behuizing, onder een niet-verwijderbare accu of op wegwerpfolie is moeilijk te verdedigen. Het symbool mag worden gedrukt, gelaserd, gegraveerd of duurzaam in een typeplaatje worden opgenomen, zolang de uitvoering bestand is tegen de te verwachten gebruiksomstandigheden.

    Uitzondering: formaat of functie maakt plaatsing onmogelijk

    Alleen in uitzonderlijke gevallen mag je van productplaatsing afwijken. De richtlijn noemt de grootte of functie van het product. ‘De verpakking ziet er mooier uit’ of ‘het labelontwerp was al klaar’ is geen geldige reden. Kies je de uitzondering, neem het symbool voor de veilige route op de verpakking én in de gebruiksaanwijzing en garantie-informatie, en documenteer waarom markering op het product technisch niet mogelijk of functioneel bezwaarlijk is.

    Heb je weinig ruimte, onderzoek dan eerst of een kleiner maar nog goed leesbaar en duurzaam symbool mogelijk is, eventueel naast het typeplaatje of modelnummer. Controleer de technische uitvoering aan de actuele versie van EN 50419:2022; de richtlijn zelf bevat niet alle praktische maat- en testdetails.

    Praktische plaatsingscheck

    • staat het symbool daadwerkelijk op het product en niet alleen in een online afbeelding;
    • is het zonder demontage of speciaal gereedschap te vinden;
    • blijft het leesbaar na wrijving, warmte, vocht en normaal reinigen;
    • is de verhouding van het officiële pictogram niet vervormd;
    • staat de balk correct onder het symbool of is een geldige datum gebruikt;
    • is de producent via merk of andere identificatie herkenbaar;
    • is een afwijking naar verpakking en documenten schriftelijk onderbouwd;
    • komt dezelfde goedgekeurde labelversie terug in het technische dossier.

    Wie moet de WEEE-markering regelen en controleren?

    De producent in de betekenis van de WEEE-regels draagt de producentenverantwoordelijkheid. Dat kan de fabriek zijn, maar ook een Nederlandse importeur, een private-labelverkoper of een buitenlandse afstandsverkoper die apparatuur als eerste op de Nederlandse markt brengt. De handelsrol is dus belangrijker dan wie fysiek het pictogram afdrukt.

    Laat je een fabrikant buiten de EU het label aanbrengen, dan blijft een controle vóór verkoop nodig. Vraag een drukbestand of scherpe foto van het definitieve productlabel op, vergelijk model- en merkgegevens en controleer een productiemonster. Bij import uit China is alleen een leveranciersverklaring onvoldoende; gebruik ook de checklist voor CE-markering en documenten bij import uit China.

    Een distributeur die bestaande producten doorverkoopt, moet afwijkende of ontbrekende markeringen niet negeren. Zet een product bij twijfel niet zonder meer online of in de winkel, maar laat de verantwoordelijke producent of importeur aantonen hoe de WEEE-scope en markering zijn beoordeeld.

    WEEE-symbool is niet hetzelfde als CE, recyclingcode of batterijsymbool

    Op één product kunnen meerdere markeringen verplicht zijn. Houd de juridische betekenis en grafische bestanden uit elkaar:

    • WEEE-symbool: gescheiden inzameling van elektrische en elektronische apparatuur;
    • CE-markering: verklaring van de fabrikant dat het product voldoet aan toepasselijke EU-productwetgeving;
    • recyclingdriehoek of materiaalcode: informatie over materiaal of verpakking, maar geen vervanging voor WEEE;
    • batterijsymbool: afzonderlijke inzamel- en markeringsinformatie voor batterijen; een apparaat met ingebouwde batterij kan beide symbolen nodig hebben.
    • energielabel: informatie over energie-efficiëntie voor specifieke productgroepen en eveneens geen alternatief voor WEEE.

    Bekijk bij een apparaat met accu ook welke documenten en markeringen voor producten met batterijen nodig zijn. Voor het complete fysieke label helpt de algemene uitleg wat er op een productlabel moet staan.

    WEEE-markering controleren in zeven stappen

    1. Bepaal of het product onder de WEEE/AEEA-scope valt en noteer de relevante categorie.
    2. Bepaal welke onderneming per verkoopland als producent geldt.
    3. Gebruik het officiële pictogram en de actuele uitvoeringsregels van EN 50419:2022.
    4. Voeg de producentidentificatie en de balk of geldige datering toe.
    5. Kies een zichtbare, leesbare en duurzame positie op het product.
    6. Test een productiemonster en leg bij een uitzondering vast waarom productmarkering onmogelijk is.
    7. Archiveer labelbestand, foto’s, productspecificatie en goedkeuring in het technische dossier.

    Maak de labelcontrole onderdeel van de productvrijgave, niet van een eindcontrole vlak voor verzending. Zo kan de matrijs, lasergravure of typeplaat nog worden aangepast voordat een volledige batch is geproduceerd.

    Praktijkvoorbeelden

    USB-lader met weinig labelruimte

    Een compacte USB-lader valt doorgaans onder WEEE. Beperkte ruimte is niet automatisch een vrijstelling. Combineer het symbool waar mogelijk met modelnummer en elektrische waarden op de behuizing. Alleen wanneer een leesbare markering technisch niet past of de functie beïnvloedt, onderbouw je de uitzondering en gebruik je de toegestane alternatieve dragers.

    Slimme bureaulamp met ingebouwde accu

    De lamp is elektrische apparatuur en de accu vormt daarnaast een afzonderlijke batterijstroom. Het product kan daarom zowel WEEE- als batterijmarkeringen nodig hebben. Houd het apparaatgewicht en batterijgewicht bovendien apart in je producentenadministratie.

    Private-label keukenapparaat

    Een webshop laat een broodrooster onder eigen merk produceren. De fabriek kan de markering aanbrengen, maar de merkhouder moet controleren of de juiste WEEE-versie, producentidentificatie en overige labelgegevens op het uiteindelijke product staan. Een foto van een generiek fabrieksmodel is geen bewijs voor de geleverde private-labelbatch.

    Veelgemaakte fouten

    • alleen het symbool zonder balk of geldige datering gebruiken;
    • een recyclinglogo of gewone afvalbak verwarren met het officiële WEEE-pictogram;
    • de markering uitsluitend op de webshop of verpakking plaatsen terwijl op het product ruimte is;
    • het symbool zo klein of contrastarm maken dat het niet leesbaar is;
    • een sticker gebruiken die bij normaal gebruik snel loslaat of slijt;
    • aannemen dat een markering van de Chinese fabrikant ook Nederlandse registratie dekt;
    • vergeten dat een ingebouwde batterij eigen markeringen en verplichtingen heeft;
    • geen definitieve labelfoto of goedgekeurd drukbestand in het dossier bewaren.

    Veelgestelde vragen

    Moet elk elektrisch product het WEEE-symbool hebben?

    De meeste elektrische en elektronische apparatuur binnen de WEEE-scope moet worden gemarkeerd. Er bestaan specifieke uitzonderingen voor bepaalde apparatuur en toepassingen. Beoordeel daarom eerst de scope; de prijs, omvang van de verkoper of verkoop aan bedrijven geeft op zichzelf geen vrijstelling.

    Mag het WEEE-symbool alleen op de verpakking staan?

    Alleen wanneer de grootte of functie van het product markering op het product echt onmogelijk maakt. Leg die reden vast en plaats het symbool vervolgens op de voorgeschreven alternatieve dragers. Gebruik verpakking niet uit gemak of esthetiek.

    Is de zwarte balk onder de afvalbak verplicht?

    Er moet herkenbaar zijn dat de apparatuur na de relevante invoeringsdatum op de markt is gebracht. De gebruikelijke oplossing is de balk onder het symbool; een duidelijke datum kan volgens de officiële EU-uitleg een alternatief zijn. Werk volgens EN 50419:2022 om vorm en uitvoering consistent vast te leggen.

    Hoe groot moet het WEEE-symbool zijn?

    De richtlijn verlangt dat de markering zichtbaar, leesbaar en duurzaam is, maar bevat niet alle praktische afmetingen. Gebruik de actuele EN 50419:2022 voor de technische uitvoering en test de leesbaarheid op het werkelijke product, niet alleen in het ontwerpbestand.

    Vervangt het WEEE-symbool de registratie bij Stichting OPEN?

    Nee. Markering en producentenregistratie zijn verschillende verplichtingen. Een producent of importeur kan een correct symbool gebruiken en toch registratie- of rapportageverplichtingen missen. Controleer beide onderdelen afzonderlijk.

    Moet het symbool ook op een online productpagina staan?

    De WEEE-hoofdregel ziet op de fysieke apparatuur. Een duidelijke productfoto en afvalinformatie online kunnen consumenten helpen, maar vervangen de fysieke markering niet. Controleer daarnaast de aparte online informatieverplichtingen uit bijvoorbeeld de GPSR.

    Maak de WEEE-markering onderdeel van je productvrijgave

    Een correct pictogram is eenvoudig als de scope en verantwoordelijkheden vooraf duidelijk zijn. Koppel daarom WEEE aan je vaste vrijgaveproces: scope, producentrol, registratie, categorie, productgewicht, markering, batterijcontrole en verkooplanden. Met de KeurMatch ProductCheck krijg je een eerste indicatie van de productregels die je daarna in de officiële bronnen en productspecificatie kunt uitwerken.

    Officiële bronnen

    Inhoudelijk gecontroleerd op 29 september 2026. Deze uitleg is algemeen; de juiste markering hangt af van de scope, uitvoering en verkooplanden van het concrete product.

  • WEEE-registratie in Nederland: stappenplan voor producenten en importeurs

    WEEE-registratie in Nederland: stappenplan voor producenten en importeurs

    Laatst inhoudelijk bijgewerkt op 7 oktober 2026

    Kort antwoord: breng je elektrische of elektronische apparatuur als eerste op de Nederlandse markt, dan moet je meestal als producent of importeur voor WEEE/AEEA worden geregistreerd. In de praktijk meld je je aan bij Stichting OPEN; je registratie wordt opgenomen in het Nationaal (W)EEE Register. Daarna rapporteer je wat je op de Nederlandse markt brengt en betaal je de toepasselijke afvalbeheerbijdrage.

    Dit artikel gaat specifiek over het registratie- en rapportageproces. Wil je eerst weten wat WEEE betekent, welke apparatuur eronder valt en welke inzamel- en markeringsplichten gelden? Lees dan het bredere overzicht WEEE-verplichtingen voor producenten en importeurs.

    Wat zijn WEEE en WEEE-registratie?

    WEEE staat voor Waste Electrical and Electronic Equipment: afgedankte elektrische en elektronische apparaten. In Nederland wordt ook de afkorting AEEA gebruikt. De WEEE-regels moeten ervoor zorgen dat dit afval afzonderlijk wordt ingezameld en verwerkt. Bedrijven die apparaten als producent op de markt brengen, kunnen zich daarvoor moeten registreren.

    Voorbeeld: Wie elektrische keukenapparaten in Nederland importeert, kan verantwoordelijk worden voor registratie, rapportage en de financiering van de inzameling nadat die apparaten zijn afgedankt.

    Wanneer is WEEE-registratie verplicht?

    De Nederlandse WEEE-regels gebruiken het begrip ‘producent’ ruimer dan alleen de fabriek. Registratie kan verplicht zijn wanneer jouw onderneming elektrische of elektronische apparatuur als eerste in Nederland op de markt brengt. Dat is onder meer relevant wanneer je:

    • in Nederland apparatuur onder je eigen naam of merk maakt of laat maken;
    • apparatuur uit een ander land importeert en voor het eerst in Nederland verkoopt;
    • producten onder private label of een eigen merk aanbiedt;
    • vanuit het buitenland rechtstreeks aan Nederlandse eindgebruikers verkoopt.

    Het gaat om de feitelijke marktintroductie en handelsrol. Koop je een apparaat bij een Nederlandse leverancier die de producentenverantwoordelijkheid al draagt en verkoop je het ongewijzigd door, dan ben je voor die stroom meestal distributeur en niet opnieuw de eerste producent. Controleer wel of de leverancier daadwerkelijk voor het product en de relevante categorie is aangesloten.

    Volgens de actuele Nederlandse overheidsinformatie over elektrische en elektronische apparatuur geldt de producentenverantwoordelijkheid onder meer voor fabrikanten, importeurs en buitenlandse afstandsverkopers die als eerste op de Nederlandse markt brengen.

    Stichting OPEN en het Nationaal (W)EEE Register: wat is het verschil?

    Deze twee namen worden vaak door elkaar gehaald, maar hebben een andere functie:

    • Stichting OPEN organiseert namens aangesloten producenten en importeurs de collectieve uitvoering van de producentenverantwoordelijkheid, waaronder inzameling en recycling. Aanmelden en opgave doen verloopt via het portaal myOPEN.
    • Het Nationaal (W)EEE Register (NWR) is het door de overheid aangewezen register voor producenten en importeurs, verwerkers en bepaalde exporteurs. Producenten- en importeursgegevens komen via Stichting OPEN in dit register.

    Het Nationaal (W)EEE Register vermeldt dat het register is ingericht op grond van artikel 18 van de Regeling AEEA en dat producenten en importeurs van elektrische en elektronische apparatuur via Stichting OPEN worden geregistreerd.

    Een vermelding in een handelsregister of een leveranciersverklaring vervangt deze WEEE-registratie niet. Ook een CE-markering, RoHS-verklaring of testrapport is geen bewijs dat de producentenverantwoordelijkheid is geregeld.

    Welke gegevens heb je vóór de registratie nodig?

    Bereid de registratie voor op bedrijfs- én productniveau. Verzamel minimaal:

    • de officiële bedrijfsnaam, handelsnamen, KvK- en contactgegevens;
    • de rol per productstroom: fabrikant, importeur, private-labelverkoper of buitenlandse afstandsverkoper;
    • een productlijst met artikelnummer, omschrijving en elektrische functie;
    • de juiste WEEE-hoofdcategorie en subcategorie per product;
    • het aantal stuks dat je in Nederland op de markt brengt;
    • het nettogewicht per product, exclusief verpakking en handleiding;
    • informatie over meegeleverde of ingebouwde batterijen, omdat die apart kunnen moeten worden gerapporteerd;
    • gegevens over export, retouren en producten die niet in Nederland op de markt zijn gebracht.

    Leg ook vast vanaf welke datum je producten op de Nederlandse markt brengt. Als je al verkoopt zonder registratie, stel dan zo snel mogelijk de historische productstromen vast en neem contact op met Stichting OPEN over de juiste correctie.

    WEEE registreren in zes stappen

    Stap 1: bepaal of het product onder de Regeling AEEA valt

    Bijna alle apparaten die voor hun werking afhankelijk zijn van elektrische stroom, elektromagnetische velden of batterijen vallen in beginsel binnen de open scope, tenzij een specifieke uitzondering geldt. Beoordeel de functie van het concrete product; een elektrische accessoire kan zelfstandig apparatuur zijn.

    De Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) licht de reikwijdte en verplichtingen voor gebruikte elektrische en elektronische apparatuur toe. De wettelijke basis staat in de Regeling afgedankte elektrische en elektronische apparatuur.

    Stap 2: bepaal wie in Nederland de producent is

    Maak per inkoop- en verkooproute duidelijk wie het product voor het eerst in Nederland op de markt brengt. Bij rechtstreekse import van buiten de EU is dat vaak de Nederlandse importeur. Bij eigen merk kan je onderneming als producent gelden, ook als een andere fabriek het product maakt. Bekijk ook wanneer je fabrikant bent bij private label en de verplichtingen van importeurs buiten de EU.

    Stap 3: deel apparaten in bij de juiste categorie

    Voor de opgave worden apparaten eerst ingedeeld in een van de zes AEEA-hoofdcategorieën en vervolgens in een specifiekere subcategorie. Denk aan temperatuuruitwisselingsapparatuur, schermen, lampen, grote apparatuur, kleine apparatuur en kleine IT- en telecommunicatieapparatuur.

    De categorie beïnvloedt de administratie en bijdrage. Baseer de indeling op de fysieke en functionele productkenmerken, niet alleen op de marketingnaam. Leg je keuze vast zodat dezelfde productfamilie in iedere opgave consequent wordt behandeld.

    Stap 4: meld je organisatie aan via myOPEN

    De registratie loopt via Stichting OPEN. Na de aanmelding wordt beoordeeld welke productstromen en vervolgstappen voor jouw organisatie gelden. Gebruik bij twijfel eerst de registratiecheck van Stichting OPEN.

    Bewaar de bevestiging, deelnemersgegevens en eventuele correspondentie centraal. Controleer na verwerking of de organisatie in de relevante producentenlijst of het register terug te vinden is. Deel registratienummers niet zonder context: afnemers moeten kunnen zien op welke organisatie en productstroom de registratie betrekking heeft.

    Stap 5: richt de Put on Market-administratie in

    Na registratie rapporteer je de zogenoemde Put on Market (POM): wat je daadwerkelijk op de Nederlandse markt hebt gebracht. Volgens de actuele instructie van Stichting OPEN rapporteer je voor apparaten per categorie het aantal stuks en het totale nettogewicht. Het gewicht omvat elektrische accessoires, maar niet de verpakking, handleiding of meegeleverde of geïntegreerde batterij.

    Batterijen en accu’s worden apart gerapporteerd. Een elektrische tandenborstel met accu vraagt dus om een apparaatopgave zonder accugewicht én een afzonderlijke batterijopgave. Lees voor de productspecifieke documentatie ook welke documenten nodig zijn voor producten met batterijen.

    Stap 6: doe opgave en controleer de afvalbeheerbijdrage

    De meeste deelnemers doen jaarlijks opgave; grotere deelnemers rapporteren per kwartaal. Stichting OPEN vermeldt voor apparaten een kwartaalopgave wanneer de verwachte jaarlijkse afvalbeheerbijdrage boven €12.000 uitkomt. Voor batterijen wordt een drempel van €6.000 genoemd. De actuele werkwijze, categorieën en deadlines staan op Hoe werkt opgave doen?.

    Controleer vóór iedere opgave of retouren, export en correcties op dezelfde manier zijn verwerkt als in eerdere perioden. Bewaar de berekening achter ieder totaal. Zo kun je bij een controle aantonen hoe aantallen, gewichten en productcategorieën uit je administratie volgen.

    Welke administratie werkt in de praktijk?

    Een werkbare WEEE-administratie koppelt productdata aan verkoop- en logistieke data. Houd per artikel ten minste bij:

    • interne SKU en duidelijke productomschrijving;
    • WEEE-hoofd- en subcategorie;
    • nettogewicht van het apparaat;
    • aantal op de Nederlandse markt gebracht;
    • land van eerste marktintroductie;
    • retouren die weer in de commerciële voorraad komen;
    • export en eventuele exportteruggave;
    • aantal en type batterijen of accu’s;
    • bewijs van indeling en bron van het gewicht.

    Gebruik één productmaster als bron voor webshop, inkoop en rapportage. Voorkom dat medewerkers gewichten uit verpakkingsdata overnemen of dat complete productbundels dubbel worden geteld. Leg wijzigingen in productgewicht, samenstelling of verpakking met ingangsdatum vast.

    Import uit China, private label en verkoop in meerdere landen

    Bij import uit China staat de WEEE-verantwoordelijkheid niet automatisch goed omdat de fabriek een doorgestreepte afvalbak op het product zet. Als jij het apparaat als eerste in Nederland op de markt brengt, kan jouw onderneming registratie- en rapportageplichtig zijn.

    Verkoop je ook in België, Duitsland of andere EU-landen, dan volstaat de Nederlandse registratie niet automatisch. Producentenverantwoordelijkheid wordt per land uitgevoerd. Controleer per afzetland wie als producent geldt, of een lokale registratie of gemachtigde nodig is en via welk systeem je rapporteert.

    WEEE vervangt de overige producteisen niet. Een elektrisch product kan daarnaast onder RoHS, EMC, LVD, RED, batterij-, verpakkings- en productveiligheidsregels vallen. Bekijk daarom ook EMC, LVD en RED voor elektrische producten en de RoHS-regels.

    Veelgemaakte fouten bij WEEE-registratie

    • registreren op bedrijfsniveau zonder alle relevante productstromen en merken mee te nemen;
    • aannemen dat registratie van een buitenlandse fabrikant ook de Nederlandse importeur dekt;
    • verpakking, handleiding of batterijgewicht meetellen bij het nettogewicht van het apparaat;
    • batterijen niet als afzonderlijke stroom administreren;
    • producten indelen op naam in plaats van functie en afmetingen;
    • export, retouren en bundels zonder vaste methode verwerken;
    • denken dat alleen het WEEE-symbool nodig is;
    • dezelfde Nederlandse registratie gebruiken voor verkoop in andere EU-landen;
    • geen onderbouwing bewaren achter gerapporteerde totalen.

    Veelgestelde vragen

    Moet een kleine webshop zich ook voor WEEE registreren?

    De omvang van de onderneming bepaalt niet of producentenverantwoordelijkheid ontstaat. Ook een kleine webshop kan registratieplichtig zijn als zij elektrische apparatuur als eerste in Nederland op de markt brengt. Omzet of aantallen kunnen wel invloed hebben op de opgavefrequentie en bijdrage.

    Ben ik registratieplichtig als ik alleen bij Nederlandse groothandels inkoop?

    Niet automatisch. Als de Nederlandse leverancier de apparatuur al op de Nederlandse markt heeft gebracht en de producentenverantwoordelijkheid draagt, ben je voor die stroom doorgaans distributeur. Controleer de leverancier en registratie; bij eigen merk, directe import of een afwijkende productstroom kan jouw rol veranderen.

    Is een Nationaal WEEE-registratienummer verplicht op het product?

    De productmarkering en registratie zijn verschillende verplichtingen. Het product moet waar van toepassing het WEEE-symbool dragen, maar het registratienummer is niet hetzelfde als een verplichte productmarkering. Houd registratiebewijs wel beschikbaar voor afnemers en toezicht.

    Moet een apparaat met ingebouwde batterij dubbel worden gerapporteerd?

    Het apparaat en de batterij zijn afzonderlijke stromen. Bij de apparatenopgave rapporteer je het apparaatgewicht zonder de batterij; de ingebouwde of meegeleverde batterij wordt via de batterijopgave verwerkt volgens de actuele instructies.

    Wat gebeurt er als ik niet geregistreerd ben?

    Niet registreren of onjuist rapporteren kan leiden tot toezicht en handhaving. ILT controleert de naleving van producentenverantwoordelijkheid en besteedt ook aandacht aan zogenoemde freeriders. Herstel ontbrekende registratie daarom direct en leg vast vanaf wanneer je producten op de markt hebt gebracht.

    Maak WEEE onderdeel van je productvrijgave

    WEEE-registratie hoort vóór de structurele verkoop geregeld te zijn. Voeg daarom aan iedere productintroductie een vaste controle toe: product in scope, producentrol, categorie, gewicht, registratie, markering, rapportagestroom en verkooplanden. Zo voorkom je dat de administratie pas aan het einde van het jaar wordt opgebouwd.

    Wil je eerst bepalen welke productregels en producentenverantwoordelijkheden waarschijnlijk relevant zijn? Start de KeurMatch ProductCheck en koppel de uitkomst daarna aan de officiële registratiekanalen.

    Officiële bronnen

    Bijgewerkt op 28 september 2026. Deze uitleg is algemeen en vervangt geen beoordeling van jouw concrete productstroom of registratieplicht.

  • UPV textiel: verplichtingen voor producenten, importeurs en webshops

    UPV textiel: verplichtingen voor producenten, importeurs en webshops

    Laatst inhoudelijk bijgewerkt op 22 september 2026

    Verkoop je kleding, bedrijfskleding, bedlinnen, tafellinnen of ander huishoudtextiel in Nederland? Dan kun je onder de UPV textiel vallen. UPV staat voor uitgebreide producentenverantwoordelijkheid: degene die textiel als eerste beroepsmatig op de Nederlandse markt brengt, blijft ook verantwoordelijk voor de afvalfase van dat product.

    De regeling geldt sinds 1 juli 2023. In 2026 is zij extra relevant, omdat producenten inmiddels niet alleen moeten melden hoeveel textiel zij op de markt brengen, maar vanaf augustus 2026 ook informatie moeten verstrekken over inzameling, hergebruik en recycling.

    Kort antwoord: UPV textiel kan gelden voor fabrikanten, importeurs en buitenlandse aanbieders die kleding en huishoudtextiel in Nederland op de markt brengen. Zij moeten onder meer zorgen voor een passend en kosteloos inzamelsysteem, hergebruik en recycling organiseren of financieren, consumenten informeren en jaarlijks rapporteren aan Rijkswaterstaat.

    Wat is UPV textiel?

    UPV textiel is een vorm van uitgebreide producentenverantwoordelijkheid. Het uitgangspunt is dat de partij die een product op de markt brengt niet alleen verantwoordelijk is voor de verkoopfase, maar ook voor wat er met het product gebeurt zodra het afval wordt.

    Voor textiel betekent dit dat producenten moeten bijdragen aan inzameling, voorbereiding voor hergebruik en recycling. De Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) houdt toezicht op de naleving van deze regels.

    Wil je eerst de bredere systematiek begrijpen? Lees dan ook UPV voor producenten en importeurs: registratie, inzameling en rapportage.

    Voor welke textielproducten geldt de UPV?

    Volgens de Nederlandse overheid geldt de UPV textiel voor onder meer de volgende productgroepen:

    • consumentenkleding;
    • bedrijfskleding en industriële kleding;
    • bedlinnen;
    • tafellinnen;
    • huishoudlinnen, zoals handdoeken en theedoeken.

    De regeling geldt niet voor verkopers die uitsluitend tweedehands textielproducten verkopen. Bij nieuwe producten is niet alleen het soort textiel relevant, maar vooral ook wie het product als eerste in Nederland op de markt brengt.

    Wanneer ben je producent onder de UPV textiel?

    Het woord producent kan verwarrend zijn. Je hoeft het kledingstuk of linnengoed niet zelf te fabriceren om juridisch als producent te worden gezien. De kernvraag is wie het product beroepsmatig als eerste op de Nederlandse markt aanbiedt.

    Nederlandse fabrikant

    Maak je zelf kleding of huishoudtextiel en breng je dit in Nederland op de markt, dan ben je doorgaans producent voor de UPV.

    Importeur

    Importeer je nieuwe textielproducten uit een ander land en bied je deze vervolgens voor het eerst in Nederland aan, dan kun je eveneens producent zijn voor de UPV. Dat staat los van het feit dat een buitenlandse leverancier het product fysiek heeft gemaakt.

    Voor importeurs spelen vaak meerdere productregels tegelijk. Bekijk daarom ook de verplichtingen van een importeur buiten de EU.

    Buitenlandse verkoper

    Een buitenlandse producent die rechtstreeks textiel aan Nederlandse consumenten levert, kan eveneens onder de Nederlandse UPV vallen. Volgens Business.gov.nl moet zo’n buitenlandse producent een gemachtigde vertegenwoordiger in Nederland aanwijzen.

    Welke verplichtingen gelden voor producenten?

    De verplichtingen gaan verder dan alleen een registratie. Producenten moeten de afvalfase daadwerkelijk organiseren of laten organiseren.

    • Melden bij Rijkswaterstaat: een producent moet zich melden voor de UPV textiel.
    • Jaarlijks rapporteren: ieder jaar vóór 1 augustus moet informatie worden aangeleverd over het voorgaande jaar.
    • Inzameling organiseren: afgedankte producten moeten via een passend inzamelsysteem kunnen worden ingeleverd; voor de gebruiker moet dit systeem kosteloos zijn.
    • Hergebruik en recycling realiseren: ingezameld textiel moet waar mogelijk worden voorbereid voor hergebruik of worden gerecycled.
    • Afvalverwerking financieren: producenten dragen de verantwoordelijkheid voor de kosten van het systeem.
    • Klanten informeren: consumenten moeten weten hoe het inzamelsysteem werkt en waar zij afgedankt textiel kunnen inleveren.

    Welke doelen gelden in 2026?

    De prestatiedoelen lopen de komende jaren stapsgewijs op. De ILT vermeldt dat producenten er in 2025 voor moesten zorgen dat 50% van het in 2024 verkochte textiel, gemeten in kilo’s, werd voorbereid voor hergebruik of gerecycled. Voor 2026 stijgt dit percentage naar 55%. Daarna loopt het verder op tot 75% vanaf 2030.

    Daarnaast gelden afzonderlijke doelen voor daadwerkelijk hergebruik, hergebruik in Nederland en vezel-tot-vezelrecycling. Daardoor is alleen het totaalgewicht van ingezameld textiel niet genoeg: een producent moet ook kunnen onderbouwen wat er met het materiaal is gebeurd.

    Vanaf augustus 2026 moet volgens de ILT aan Rijkswaterstaat ook informatie worden verstrekt over de inzameling, het hergebruik en de recycling van afgedankte producten. Een goede administratie over volumes en verwerkingsroutes is daarom essentieel.

    Zelf regelen of aansluiten bij een producentenorganisatie?

    Een producent kan de UPV-verplichtingen zelf organiseren, maar kan zich ook aansluiten bij een producentenorganisatie. Zo’n organisatie kan namens aangesloten producenten onder meer de melding en verslaglegging verzorgen en collectieve inzameling en verwerking organiseren.

    De keuze hangt onder andere af van verkoopvolume, productcategorieën, administratieve capaciteit en de landen waarin je actief bent. Een Nederlandse aansluiting lost bovendien niet automatisch verplichtingen in andere EU-landen op.

    Voorbeeld: webshop importeert kleding uit China

    Stel dat een Nederlandse webshop nieuwe T-shirts en werkkleding uit China importeert en deze in Nederland verkoopt. De Chinese fabriek maakt de producten, maar de Nederlandse importeur brengt ze voor het eerst op de Nederlandse markt. Voor de UPV textiel kan die importeur daardoor als producent gelden.

    De onderneming moet dan niet alleen naar textiel kijken. Voor dezelfde zending kunnen bijvoorbeeld ook verplichtingen gelden voor verpakkingen en kunnen chemische producteisen onder REACH relevant zijn. Zie daarvoor ook REACH voor webshops en importeurs.

    UPV textiel is niet hetzelfde als textiellabeling of productveiligheid

    UPV textiel gaat primair over de verantwoordelijkheid voor de afvalfase. Andere regels kunnen daarnaast eisen stellen aan bijvoorbeeld vezelsamenstelling, chemische stoffen, productveiligheid, verpakking en consumenten-informatie.

    Een correcte UPV-registratie betekent dus niet automatisch dat het product volledig compliant is. Andersom vervangt naleving van REACH of productveiligheidsregels de UPV-verplichtingen niet.

    Praktische checklist UPV textiel

    1. Bepaal of jouw product onder kleding, bedrijfskleding of huishoudtextiel valt.
    2. Bepaal wie het product als eerste beroepsmatig in Nederland op de markt brengt.
    3. Controleer of je je als producent bij Rijkswaterstaat moet melden.
    4. Leg per kalenderjaar vast hoeveel kilo textiel je op de markt brengt.
    5. Regel een passend inzamel-, hergebruik- en recyclingsysteem of sluit je aan bij een producentenorganisatie.
    6. Leg vast welke hoeveelheden worden ingezameld, hergebruikt en gerecycled.
    7. Informeer klanten duidelijk over de inzamelmogelijkheden.
    8. Dien de jaarlijkse rapportage tijdig in.

    Controleer welke regels voor jouw product gelden

    Of UPV textiel op jouw onderneming van toepassing is, hangt af van het exacte product, de handelsrol en het land waarin je het product op de markt brengt. Bij import en online verkoop kunnen bovendien meerdere verplichtingen tegelijk spelen.

    Met de gratis KeurMatch productcheck krijg je een eerste indicatie van de regels, registraties, documenten en onderzoeken die voor jouw product mogelijk relevant zijn.

    Officiële bronnen

    Dit artikel is op 22 september 2026 gecontroleerd aan de hand van informatie van de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT), Business.gov.nl / RVO en de Rijksoverheid.

  • WEEE: wat betekent het en welke verplichtingen gelden voor producenten en importeurs?

    WEEE: wat betekent het en welke verplichtingen gelden voor producenten en importeurs?

    Laatst inhoudelijk bijgewerkt op 19 september 2026

    Kort antwoord: WEEE staat voor Waste Electrical and Electronic Equipment. In Nederland wordt ook de afkorting AEEA gebruikt: afgedankte elektrische en elektronische apparatuur. Breng je elektrische of elektronische apparatuur als producent of importeur voor het eerst op de Nederlandse markt, dan kunnen registratie-, rapportage-, financierings-, inzamelings- en markeringsverplichtingen gelden.

    Wat is WEEE?

    WEEE is de gebruikelijke Engelse afkorting voor afval van elektrische en elektronische apparatuur. De Europese basis is Richtlijn 2012/19/EU. Die richtlijn heeft als doel elektronisch afval gescheiden in te zamelen, goed te verwerken en waardevolle materialen zoveel mogelijk terug te winnen.

    De Nederlandse regels zijn onder meer uitgewerkt in de Regeling afgedankte elektrische en elektronische apparatuur. Voor bedrijven is WEEE vooral relevant als onderdeel van de uitgebreide producentenverantwoordelijkheid (UPV): wie een product op de markt brengt, kan ook verantwoordelijk worden voor de afvalfase ervan.

    Voor welke producten geldt WEEE?

    Sinds 15 augustus 2018 werkt de WEEE-richtlijn met een zogenoemde open scope. Dat betekent dat in beginsel alle elektrische en elektronische apparatuur binnen de definitie valt, tenzij een specifieke uitzondering geldt.

    Onder elektrische en elektronische apparatuur valt volgens de richtlijn apparatuur die voor een goede werking afhankelijk is van elektrische stroom of elektromagnetische velden, en apparatuur voor het opwekken, overbrengen of meten daarvan, ontworpen voor maximaal 1.000 volt wisselstroom of 1.500 volt gelijkstroom.

    De zes WEEE-categorieën

    • temperatuuruitwisselingsapparatuur, zoals koelkasten, airco’s en warmtepompen;
    • schermen, monitoren en apparatuur met een scherm groter dan 100 cm²;
    • lampen;
    • grote apparatuur met ten minste één buitenafmeting van meer dan 50 cm;
    • kleine apparatuur zonder buitenafmeting van meer dan 50 cm;
    • kleine IT- en telecommunicatieapparatuur zonder buitenafmeting van meer dan 50 cm.

    Er bestaan uitzonderingen, bijvoorbeeld voor bepaalde grote vaste installaties, grote industriële werktuigen, apparatuur die specifiek voor gebruik in de ruimte is ontworpen en enkele andere nauw omschreven toepassingen. Daarom moet de scope altijd op productniveau worden beoordeeld.

    Wanneer ben je voor WEEE een producent?

    Het woord ‘producent’ betekent in afvalwetgeving niet alleen de fabriek waar een product wordt gemaakt. Je kunt voor WEEE producentenverantwoordelijkheid hebben als je de apparatuur als eerste op de Nederlandse markt brengt. Dat kan bijvoorbeeld het geval zijn wanneer je:

    • in Nederland apparatuur onder je eigen naam of merk produceert of laat produceren;
    • elektrische apparatuur importeert en die als eerste in Nederland op de markt brengt;
    • apparatuur onder een eigen merk of private label verkoopt;
    • vanuit een ander land rechtstreeks elektrische apparatuur aan Nederlandse eindgebruikers verkoopt.

    Voor importeurs is dit een belangrijk onderscheid. Dat een fabrikant buiten de EU documenten of een WEEE-symbool aanlevert, betekent niet automatisch dat jouw Nederlandse producentenverantwoordelijkheid is afgedekt. Bekijk ook de algemene verplichtingen van een importeur buiten de EU.

    Welke WEEE-verplichtingen gelden in Nederland?

    De precieze verplichtingen hangen af van je rol en product, maar voor een producent of importeur zijn vooral de volgende onderdelen relevant.

    1. Registreren als producent

    Producenten van elektrische en elektronische apparatuur moeten in Nederland geregistreerd zijn. Volgens de actuele overheidsinformatie loopt de aanmelding via Stichting OPEN en wordt de producent opgenomen in het Nationaal (W)EEE Register. Verkoop je in meerdere EU-landen, dan moet je bovendien per land controleren welke registratie- en vertegenwoordigersregels daar gelden.

    2. Hoeveelheden administreren en rapporteren

    Je moet kunnen onderbouwen hoeveel elektrische en elektronische apparatuur je op de markt brengt. De Europese regels vereisen registratie en rapportage per relevante categorie; de Nederlandse regeling bevat daarnaast nationale termijnen en informatieverplichtingen. Een goede administratie per productcategorie, gewicht, marktintroductie en export is daarom essentieel.

    3. Inzameling en verwerking organiseren of financieren

    WEEE is producentenverantwoordelijkheid. Dat betekent dat producenten moeten bijdragen aan de organisatie en financiering van de inzameling en correcte verwerking van afgedankte apparatuur. De ILT houdt toezicht op naleving van deze verplichtingen.

    4. Het WEEE-symbool aanbrengen

    Elektrische en elektronische apparatuur die onder de regels valt, moet in beginsel het symbool van de doorgestreepte verrijdbare afvalbak dragen. Het symbool maakt duidelijk dat het product niet bij ongesorteerd huishoudelijk afval hoort. De markering moet zichtbaar, leesbaar en duurzaam zijn. Alleen als de afmetingen of functie van het product dit onmogelijk maken, mag de markering onder voorwaarden op bijvoorbeeld de verpakking of gebruiksaanwijzing staan.

    5. Informatie voor verwerking beschikbaar maken

    Producenten moeten waar vereist informatie beschikbaar stellen die hergebruik, voorbereiding voor hergebruik en correcte verwerking mogelijk maakt. Denk aan informatie over componenten en materialen die voor afvalverwerkers relevant is.

    Welke verplichtingen gelden voor webshops en winkels?

    Een bedrijf kan tegelijk producent/importeur én distributeur zijn. Voor distributeurs gelden eigen terugnameplichten. Verkoop je een nieuw elektrisch apparaat, dan moet je volgens de Nederlandse regels een vergelijkbaar afgedankt apparaat van de klant kosteloos innemen. Deze ‘oud-voor-nieuw’-regel geldt ook voor webshops.

    Voor grote fysieke detailhandelszaken met een verkoopoppervlak voor elektrische en elektronische apparatuur van minimaal 400 m² geldt daarnaast een terugnamemogelijkheid voor klein e-waste zonder dat de consument een nieuw apparaat hoeft te kopen. De precieze voorwaarden staan in de Nederlandse regeling.

    WEEE is niet hetzelfde als CE-markering of RoHS

    WEEE wordt regelmatig verward met CE-markering en RoHS, maar het zijn verschillende verplichtingen. WEEE gaat vooral over de afvalfase, producentenverantwoordelijkheid, inzameling, rapportage en afvalmarkering. CE-markering gaat over productconformiteit met toepasselijke Europese productwetgeving. RoHS beperkt bepaalde gevaarlijke stoffen in elektrische en elektronische apparatuur.

    Eén elektrisch product kan dus tegelijk onder WEEE, RoHS, EMC, LVD of RED en andere regels vallen. Lees daarom ook welke regels voor elektrische producten gelden en controleer afzonderlijk wanneer CE-markering verplicht is.

    Wat als het product een batterij bevat?

    Bij apparatuur met een ingebouwde of meegeleverde batterij kunnen naast WEEE ook verplichtingen uit de Europese Batterijverordening gelden. De producentenverantwoordelijkheid voor de elektrische apparatuur en die voor de batterij zijn afzonderlijke stromen. Eén registratie of bijdrage dekt dus niet automatisch beide verplichtingen.

    Controleer bij batterijproducten daarom ook welke documenten en registraties voor producten met batterijen relevant zijn.

    Praktijkvoorbeeld: import van een slimme bureaulamp

    Een Nederlandse webshop importeert een slimme led-bureaulamp met Bluetooth en ingebouwde accu uit China. De webshop kan voor de lamp als WEEE-producent/importeur worden aangemerkt omdat zij de apparatuur als eerste in Nederland op de markt brengt. Daarnaast kunnen regels gelden voor de accu, verpakking, radioapparatuur, EMC, productveiligheid en CE-markering. De WEEE-verplichtingen vervangen die andere productregels niet.

    Praktische WEEE-checklist voor producenten en importeurs

    1. Bepaal of het product elektrische of elektronische apparatuur is volgens de WEEE-definitie.
    2. Controleer of een specifieke uitzondering van toepassing is.
    3. Deel het product in bij de juiste WEEE-categorie.
    4. Bepaal per verkoopland wie juridisch als producent wordt gezien.
    5. Regel de vereiste registratie voordat je structureel op de markt brengt.
    6. Leg aantallen en gewichten per categorie zorgvuldig vast.
    7. Controleer of de WEEE-markering correct op product of, indien toegestaan, verpakking/documentatie staat.
    8. Regel de collectieve of individuele route voor inzameling, financiering en verwerking.
    9. Controleer daarnaast afzonderlijk CE-, RoHS-, batterij-, verpakking- en andere productverplichtingen.

    Veelgemaakte fouten rond WEEE

    • ervan uitgaan dat alleen de oorspronkelijke fabriek ‘producent’ kan zijn;
    • denken dat een CE-markering ook WEEE-verplichtingen afdekt;
    • alleen het WEEE-symbool controleren, maar registratie en rapportage vergeten;
    • bij import uit China aannemen dat registratie van de leverancier automatisch in Nederland geldt;
    • apparatuur met batterij als één afvalstroom behandelen terwijl aparte batterijverplichtingen kunnen gelden;
    • bij verkoop in meerdere EU-landen alleen de Nederlandse registratie regelen.

    Controleer WEEE per product en verkoopland

    WEEE is geen losse stickerverplichting, maar een combinatie van scopebepaling, producentenverantwoordelijkheid, registratie, administratie, rapportage, inzameling en correcte verwerking. Vooral bij import, private label en grensoverschrijdende verkoop moet je vaststellen wie in elk land de producent is.

    Wil je eerst bepalen welke verplichtingen waarschijnlijk relevant zijn? Gebruik de KeurMatch-productcheck als voorselectie en controleer daarna de toepasselijke officiële regels voor jouw product en verkooplanden.

    Officiële bronnen

    Gecontroleerd op 19 september 2026 aan de hand van de geconsolideerde WEEE-richtlijn 2012/19/EU op EUR-Lex, de Inspectie Leefomgeving en Transport over gebruikte elektronische apparatuur, de Regeling afgedankte elektrische en elektronische apparatuur en de actuele overheidsinformatie over elektrische en elektronische afvalstromen.

  • EUDR voor importeurs en webshops: vallen jouw producten onder de ontbossingsverordening?

    EUDR voor importeurs en webshops: vallen jouw producten onder de ontbossingsverordening?

    Laatst inhoudelijk bijgewerkt op 7 oktober 2026

    Wat is EUDR in gewone taal?

    EUDR is de afkorting van EU Deforestation Regulation, de Europese ontbossingsverordening. Deze wet wil voorkomen dat bepaalde grondstoffen en producten op de Europese markt bijdragen aan ontbossing. Denk aan specifieke producten op basis van hout, cacao, koffie, soja, rubber, palmolie of rundvee.

    Voorbeeld: importeer je houten meubels, dan moet je nagaan of jouw productcode onder de wet valt en welke informatie over herkomst nodig is. Niet ieder houten product valt automatisch onder dezelfde eisen. Ook de ketenrol en de ingangsdata tellen mee.

    Actuele planning: de hoofdverplichtingen gelden vanaf 30 december 2026 voor grote en middelgrote marktdeelnemers en vanaf 30 juni 2027 voor veel micro- en kleine ondernemingen. Voor bepaalde houtproducten en situaties gelden bijzondere overgangsregels.

    Welke grondstoffen vallen onder de EUDR?

    De verordening omvat rundvee, cacao, koffie, palmolie, rubber, soja en hout, plus specifieke afgeleide producten in bijlage I. Niet ieder product waarin een grondstof voorkomt valt automatisch onder de regels: controleer de concrete GN- of douanecode.

    Wat moet aantoonbaar zijn?

    • het product is ontbossingsvrij volgens de criteria van de verordening;
    • het is geproduceerd overeenkomstig de relevante wetgeving van het productieland;
    • de vereiste zorgvuldigheidsverklaring of vereenvoudigde verklaring is ingediend wanneer dat voor jouw rol geldt;
    • herkomstgegevens, waaronder geolocatie, productiedatum of -periode en leveranciersinformatie, zijn traceerbaar;
    • het risico is beoordeeld en waar nodig teruggebracht tot verwaarloosbaar niveau.

    Waarom productnaam alleen niet genoeg is

    Een houten meubel, rubberen artikel, leren accessoire of papieren product kan wel of niet binnen de bijlage vallen. De materiaalomschrijving, goederencode, productiedatum, leverancier en handelsroute bepalen samen de uitkomst.

    Praktijkvoorbeeld

    Een importeur koopt houten woonaccessoires buiten de EU. Hij moet eerst de goederencode en houtsoort vaststellen. Valt het product onder bijlage I, dan zijn onder meer de locatie van productie, keteninformatie, risicobeoordeling en het juiste referentienummer relevant voordat het product op de markt komt.

    Wat moet KeurMatch uitvragen?

    De productcheck moet materialen en grondstoffen, douanecode, herkomstland, rol in de keten, ondernemingsgrootte, productiedatum en verkoopdatum opnemen. Een specialist kan daarna bepalen welke verklaring en informatieketen nodig is.

    Officiële bronnen

    Gecontroleerd op 12 augustus 2026 aan de hand van de Europese Commissie over de EUDR en de implementatiepagina.

  • UPV voor producenten en importeurs: registratie, inzameling en rapportage

    UPV voor producenten en importeurs: registratie, inzameling en rapportage

    Laatst inhoudelijk bijgewerkt op 7 oktober 2026

    Kort antwoord: UPV geldt niet voor ieder product op dezelfde manier. Bepaal eerst of je voor de betreffende productstroom juridisch producent bent. Controleer daarna registratie, aansluiting bij een producentenorganisatie, aangifte, financiering, inzameling, informatie en rapportage.

    Wat is UPV en wat is EPR?

    UPV staat voor Uitgebreide Producentenverantwoordelijkheid. Dat betekent dat een onderneming die bepaalde producten op de markt brengt, ook verantwoordelijkheden kan houden nadat die producten zijn weggegooid. Het gaat bijvoorbeeld om de organisatie en kosten van inzameling, hergebruik en recycling. EPR (Extended Producer Responsibility) is de Engelse naam voor hetzelfde principe. Het zijn dus geen twee losse certificaten of regelingen.

    Een eenvoudig voorbeeld: je importeert lampen voor je webshop. Dan kan je bedrijf niet alleen aan productveiligheidsregels moeten voldoen, maar ook moeten bijdragen aan de inzameling en recycling van de afgedankte lampen. De kartonnen verpakking kan onder een eigen UPV-regeling vallen. Welke verplichtingen precies gelden, hangt af van je product, verkoopland en jouw rol in de handelsketen.

    Het woord ‘producent’ betekent hier niet alleen de fabriek: ook een importeur, een bedrijf dat onder eigen merk verkoopt of een buitenlandse aanbieder kan juridisch producent zijn. Omdat de uitvoering per land en productgroep verschilt, moet je elke situatie afzonderlijk beoordelen. Zie ook de officiële uitleg van Ondernemersplein.

    Voor welke stromen is UPV relevant?

    • verpakkingen en verpakte producten;
    • elektrische en elektronische apparatuur (WEEE/e-waste);
    • batterijen en accu’s, ook wanneer deze in een product zijn ingebouwd;
    • textiel en bepaalde kleding- en huishoudtextielproducten;
    • daarnaast onder meer autobanden, voertuigen en bepaalde kunststofproducten.

    Welke verplichtingen kunnen gelden?

    • registreren of melden als producent of importeur;
    • aansluiten bij of betalen aan een producentenorganisatie;
    • hoeveelheden per land en productcategorie administreren;
    • periodiek aangifte of verslag doen;
    • inzameling, hergebruik en recycling organiseren of financieren;
    • klanten informeren en waar vereist een terugnamevoorziening bieden;
    • registratienummers en bewijsstukken beschikbaar houden voor platforms of toezicht.

    Praktijkvoorbeeld

    Een Nederlandse webshop importeert oplaadbare ledverlichting uit China. Voor één verkoopproduct kunnen tegelijk regels gelden voor de verpakking, de elektrische apparatuur en de ingebouwde accu. Eén algemene registratie dekt deze drie stromen niet automatisch.

    Wat moet KeurMatch uitvragen?

    Voor een bruikbare voorselectie zijn minimaal productsoort, verpakking, elektrische functie, batterij, textiel, verkooplanden, herkomst en de rol van de onderneming nodig. De uitkomst moet per stroom aangeven welke registratie- en rapportageroute moet worden gecontroleerd.

    Officiële bronnen

    Gecontroleerd op 12 augustus 2026 aan de hand van Ondernemersplein over UPV, e-waste en batterijen en accu’s.